HomeBeroepCommissie van Beroep POUitspraken  Archief uitspraken tot 1 januari 2009

21-12-2007

103566 - Beroep tegen rddf-plaatsing; PO

De werkneemster meent dat de werkgever zich niet voldoende inspant om herplaatsing te bewerkstelligen. Zij voert aan dat in het lopende schooljaar een administratieve functie vrij komt en de werkgever heeft laten weten dat de werkneemster hiervoor niet in aanmerking komt. Voorts stelt zij dat de werkgever medewerkers die minder diensttijd hebben dan de werkneemster bij voorrang in aanmerking laat komen voor functies waar de werkneemster misschien ook voor geschikt is. De RDDF-plaatsing is conform de geldende regels van de CAO-PO tot stand is gekomen en voorts is de afvloeiingsregeling correct toegepast. Daarbij is gesteld noch gebleken dat de werkneemster in aanmerking komt voor de vervulling van één van de functies van de personen die onder haar op de afvloeiingslijst staan. De wijze waarop de werkgever invulling geeft aan zijn verplichtingen voortvloeiend uit Bijlage III bij de CAO kan niet reeds op voorhand in een procedure over de plaatsing van een functie in het RDDF worden getoetst. Deze toetsing is pas aan de orde als de werkgever de werknemer nadat deze 1 schooljaar in het RDDF is geplaatst, zou ontslaan. Beroep ongegrond.
De complete tekst kunt u hier downloaden

13-02-2006

103050 - Beroep tegen tussentijds ontslag tijdelijk dienstverband; PO

Werkneemster heeft haar tijdelijke arbeidsovereenkomst tussentijds opgezegd m.i.v. 01-09-2005. Bij brief van 08-08-2005 heeft de werkgever meegedeeld dat de arbeidsovereenkomst met ingang van 01-08-2005 wordt beëindigd. Werkneemster stelt beroep in tegen de ontslagbeslissing en vordert tevens salaris over vijf voor de zomervakantie extra gewerkte dagen. Commissie is niet bevoegd over salarisvordering. Er is een schriftelijke arbeidsovereenkomst met einddatum 25-10-2005. Voorts ondertekende appellante maanden daarna een akte van benoeming met einddatum 01-08-2005. Volgens appellante beweerde de werkgever destijds dat de gewijzigde einddatum enkel een administratief doel had. Nu de werkgever deze gang van zaken niet betwist, acht de Commissie het niet aannemelijk dat bij de ondertekening van de akte van benoeming tussen partijen een nieuwe wilsovereenstemming ten aanzien van de einddatum van de arbeidsovereenkomst is tot stand gekomen. De Commissie gaat er daarom van uit dat de arbeidsovereenkomst is gesloten voor de periode 25-10-2004 tot 25-10-2005. De mededeling van de werkgever dat het dienstverband met ingang van 01-08-2005 wordt beëindigd, is dus een tussentijdse opzegging van een tijdelijk dienstverband waartegen beroep bij de Commissie openstaat.
De werkgever heeft de voorgeschreven opzegtermijn van 1 maand ex art. F2.5 lid 3 CAO-PO  niet in acht genomen. Het beroep van de werkgever op artikel 156 lid 4 RPBO kan de Commissie niet volgen aangezien daarin de einddatum van de benoeming van een lid van het onderwijzend personeel in vaste dienst wordt geregeld en de werkneemster in tijdelijke dienst was. De opzegging is  niet rechtsgeldig gedaan. Derhalve is het dienstverband per 01-09-2005 geëindigd door de opzegging door de werkneemster. Beroep gegrond.
De complete tekst kunt u hier downloaden.

31-01-2006

102999 - Beroep tegen plaatsing in een bovenschoolse vervangingspool; PO

Het beroep is niet binnen de geldende termijn van 6 weken ingesteld. De werknemer heeft zich in de procedure laten bijstaan door een rechtsgeleerde gemachtigde. Deze gemachtigde heeft de werknemer ook bijgestaan in het conflict met de werkgever over de rechtsgrond voor de afwezigheid van de werknemer in de periode 10-01-2005 tot 13-06-2005. Onder deze omstandigheden kan de werknemer zich niet beroepen op ontbrekende kennis over de status van de beslissing tot plaatsing in een bovenschoolse vervangingspool, wat overigens ook de status van deze beslissing moge zijn. De gemachtigde kan zich in de professionele uitoefening van het beroep in een advocatenkantoor, waar blijkens het briefpapier zeven advocaten werken, ter verontschuldiging van de termijnoverschrijding niet beroepen op afwezigheid wegens privé-omstandigheden. De termijnoverschrijding is niet verschoonbaar.
Beroep niet-ontvankelijk.

De complete tekst kunt u hier downloaden.

25-04-2005

102697 - Beroep tegen ontslag wegens onbekwaamheid/ongeschiktheid; PO

Het ontslag gegrond op onbekwaamheid of ongeschiktheid anders dan op grond van ziels- of lichaamsgebreken van de werkneemster voor de door haar vervulde functie. Werkneemster was ten tijde van het ontslag meer dan 2 jaar ziek. De werkgever had, alvorens over te gaan tot ontslag, door middel van een functieongeschiktheidsadvies van UWV USZO dienen uit te sluiten of de beweerde onbekwaamheid/ongeschiktheid van de werkneemster het gevolg was van ziekte of gebrek. De werkgever heeft anderhalf jaar voor de ontslagdatum een dergelijk advies ingewonnen, maar dit advies kan redelijkerwijs geen basis vormen voor verdere acties. Omdat niet valt uit te sluiten dat de beweerde onbekwaamheid of ongeschiktheid het gevolg is van ziekte, wordt de ontslagbeslissing niet gedragen door de daaraan ten grondslag gelegde reden 'anders dan op grond van ziels- of lichaamsgebreken'. Beroep gegrond.
De complete tekst kunt u hier downloaden.

07-02-2005

102653 - Beroep tegen waarschuwing; PO

De werkgever heeft de werknemer een officiële waarschuwing gegeven die in het personeelsdossier wordt opgenomen. De werknemer is van oordeel dat materieel gezien sprake is van een van een berisping. Door het feit dat de officiële waarschuwing in het personeelsdossier is opgenomen, zijn volgens de werknemer ook indirect promotiekansen onthouden. De werknemer bestrijdt dat zijn gedragingen kunnen worden samengevat als "seksuele intimidatie" en voert aan dat er geen grond is voor de waarschuwing. De Commissie oordeelt dat aan de werkgever de bevoegdheid toekomt om een werknemer te waarschuwen. Een dergelijke waarschuwing mag echter, gezien de limitatieve opsomming van disciplinaire maatregelen in de CAO-PO, niet het karakter van een disciplinaire maatregel hebben. Voor disciplinaire maatregelen gelden de verweerprocedure en de beroepsmogelijkheid. De waarschuwing heeft het karakter van een disciplinaire maatregel zodat het beroep ontvankelijk is. Omdat deze maatregel geen basis vindt in de WPO noch in de CAO-PO en niet voldaan is aan de vereisten voor een disciplinaire maatregel, is het beroep gegrond. Een beslissing inhoudende het direct of indirect onthouden van bevordering/promotie als bedoeld in 60 lid 1 sub c WPO is een beslissing met betrekking tot het niet doen overgaan naar de maximumschaal als bedoeld in art. 152 rechtspositiebesluit WPO/WEC. De bestreden waarschuwing is niet zo een beslissing. Het beroep is in zoverre niet-ontvankelijk.
Beroep deels niet-ontvankelijk, deels gegrond.
De complete tekst kunt u hier downloaden.

31-12-2004

102634 - Beroep tegen ontslag wegens onbekwaamheid/ongeschiktheid; PO

De werknemer is niet wegens ziekte of gebrek zodanig beperkt dat zij daardoor ongeschikt is voor het verrichten van de eigen arbeid (klassenassistent). Er is namelijk geen medisch objectiveerbare oorzaak voor de arbeidsongeschiktheid. Dit heeft tot gevolg dat de werkgever hem niet heeft kunnen ontslaan op grond van blijvende arbeidsongeschiktheid als bedoeld in artikel F2.6 lid 1 onder e CAO-PO. Werknemer heeft zijn functie na 20-08-2001 feitelijk niet meer vervuld en de ondernomen reïntegratiepogingen hebben niet geleid tot terugkeer in de eigen functie of een andere passende functie, en er is geen reëel uitzicht op verbetering in de toekomst. Derhalve kan redelijkerwijs niet anders worden geconcludeerd dan dat hij ongeschikt of onbekwaam is voor het uitoefenen van zijn functie van klassenassistent zodat de werkgever op goede gronden het dienstverband heeft kunnen opzeggen wegens onbekwaamheid of ongeschiktheid van de werknemer voor de door hem uitgeoefende functie, anders dan op grond van ziels- of lichaamsgebreken. Wel conversie ontslagdatum. Beroep ongegrond.
De complete tekst kunt u hier downloaden.

Print pagina