10-01-2012

105077 - Beroep tegen ontslag op staande voet, subsidiair ontslag wegens gewichtige redenen; VO

Werknemer is op staande voet ontslagen omdat hij een langdurige vertrouwelijke relatie met een minderjarige leerling is aangegaan. Daargelaten of het gedrag van de werknemer zich in de gegeven omstandigheden laat kwalificeren als een dringende reden die een ontslag op staande voet rechtvaardigt, is gebleken dat betrokkene reeds in februari 2011 de schoolleider en de veiligheidsfunctionaris van de werkgever heeft ingelicht over zijn gedragingen, terwijl het ontslag eerst op 1 juli 2011 is gegeven. De kennis van de schoolleider en de veiligheidscoördinator in februari 2011 wordt het bestuur aangerekend. Er is niet voldaan aan de eis van onverwijldheid zodat het beroep reeds op die grond slaagt. De werkgever heeft subsidiair ontslag verleend wegens gewichtige redenen, zijnde gewijzigde omstandigheden in de zin van artikel 9.a.5 onder i van de CAO VO. Bij een dergelijke opzegging dient de werkgever de in artikel 9.a.8 van de CAO VO voorgeschreven verweerprocedure te volgen. De werkgever heeft dat nagelaten en heeft ook de op grond van artikel 9.a.4 CAO VO geldende opzegtermijn niet in acht genomen. Het beroep is ook op dit onderdeel gegrond. De complete tekst kunt u hier downloaden.

09-01-2012

105081 - Beroep tegen schriftelijke berisping; VO

De werkgever heeft aan de disciplinaire maatregel ten grondslag gelegd dat de docent in de lessen allerlei privézaken bespreekt en in de lessen en tijdens het mondeling examen seksueel getinte opmerkingen maakt, waardoor leerlingen zich ongemakkelijk voelen. Gelet op het repeterende en gelijksoortige karakter van de verwijten gedurende de periode 2004 tot en met 2011 en het ontbreken van een verklaring voor het feit dat deze verwijten telkens deze docent troffen is het voldoende aannemelijk dat werknemer zich in zijn lessen en tijdens het mondeling examen gedurende langere tijd bij tijd en wijle heeft bediend van bewoordingen waarmee hij een sfeer heeft gecreëerd die (althans bij een deel van) zijn leerlingen zodanig ongemakkelijke gevoelens teweeg heeft gebracht, dat zij zich genoodzaakt voelden de schoolleiding daarover te informeren. Gelet op de hardnekkigheid waarmee de werknemer gedurende een aantal jaren de aanwijzingen van de werkgever in de wind heeft geslagen, is het opleggen van de disciplinaire maatregel van een schriftelijke berisping evenredig aan het plichtsverzuim. Beroep ongegrond.
De complete tekst kunt u hier downloaden.

21-11-2011

104994 t/m 104997,104999 t/m 105002 en 105007 - Beroepen tegen ontslag wegens opheffing van de school; VO

De werknemers voeren aan dat voortzetting van de school mogelijk is, dat de werkgever verzuimd heeft uitvoering te geven aan het Sociaal Statuut en dat sprake is van ongelijke behandeling ten opzichte van reeds eerder ontslagen werknemers die van de werkgever een schadevergoeding ontvingen. De bekostiging van de school is door het ministerie van OCW beëindigd. Niet gebleken is dat de werkgever over zodanige eigen middelen beschikt dat een voortzetting van de school voor eigen rekening mogelijk zou zijn. De noodzaak tot ontslag staat hiermee voldoende vast. Van onjuiste toepassing van het Sociaal Statuut is niet gebleken. Voorts is geen sprake van ongelijke behandeling van de werknemers ten opzichte van de werknemers die een jaar eerder met gebruikmaking van het Sociaal Plan met ontslag gingen. Van gelijke gevallen kan niet worden gesproken omdat de werknemers die het nu betreft een jaar langer in dienst zijn gebleven met alle (financiële) gevolgen van dien. De beroepen van de werknemers zijn ongegrond. De complete tekst kunt u hier downloaden.

01-11-2011

105110 - Beroep tegen beweerd (in)direct onthouden promotie; vereenvoudigde behandeling; VO

Werkneemster stelt dat de beslissing van haar werkgever om haar geen uren in de bovenbouw toe te kennen, neerkomt op het direct of indirect onthouden van bevordering/promotie als bedoeld in art. 52 lid 1 onder c WVO. Volgens vaste jurisprudentie van de Commissie dient onder het direct of indirect onthouden van promotie te worden verstaan de directe of indirecte weigering van de werkgever om de werknemer, die het maximum van de bij zijn functie behorende hoogste aanloopschaal heeft bereikt, te laten overgaan naar de bij die functie behorende maximumschaal. Dit is gebaseerd op de voorheen geldende rechtspositieregeling waarin het woord ‘promotie' in die zin werd gebruikt. Indirecte weigering bestond eruit dat de werkgever weigerde mee te werken aan de realisering van de voorwaarden waaronder een docent overging naar de bij zijn functie behorende maximumschaal. De beslissing tot de urenverdeling is derhalve geen voor beroep vatbare beslissing. Beroep is kennelijk niet-ontvankelijk. De complete tekst kunt u hier downloaden.

17-11-2011

105014 - Beroep tegen ontslag wegens dringende reden; VO

Werknemer, docent, is wegens een dringende reden ontslagen op grond van fraude bij de schoolexamens. De aan het ontslag ten grondslag gelegde feiten zijn voldoende komen vast te staan. Werknemer heeft geen derde schoolexamen als bedoeld in het PTA afgenomen terwijl hij daarvoor wel cijfers aan de administratie heeft doorgegeven. Gezien het daardoor geschonden vertrouwen, het niet serieus nemen van de belangen van leerlingen en de ernst van deze feiten, is sprake van een dringende reden op grond waarvan van de werkgever redelijkerwijze niet meer verlangd kon worden het dienstverband met de werknemer te laten voortduren. Voorts is het ontslag onverwijld verleend. Beroep ongegrond. De complete tekst kunt u hier downloaden.

07-11-2011

105026 - Beroep tegen ontslag wegens opheffing betrekking; VO

De werkzaamheden van de werknemer, assistent ICT, zijn komen te vervallen als gevolg van de vernieuwing van ICT-apparatuur en het daaraan gekoppelde onderhoudscontract. Derhalve heeft de werkgever in redelijkheid tot het oordeel kunnen komen dat de functie van werkneemster diende te worden opgeheven. De werkgever heeft zich voldoende ingespannen om de werknemer in- of extern te herplaatsen. Beroep ongegrond. De complete tekst kunt u hier downloaden.

26-10-2011

105008 - Beroep tegen einde tijdelijk dienstverband, in feite ontslag; VO

De werknemer was sinds 2008 in tijdelijke dienst op wisselende gronden en stelt inmiddels in vaste dienst te zijn. De werkgever stelt dat van een dienstverband voor onbepaalde tijd geen sprake kan zijn omdat de werknemer, die een bewijs van bekwaamheid voor het vak Techniek heeft, niet bevoegd is het vak Natuurkunde te geven.In de wet noch CAO is basis te vinden voor de stelling dat een benoeming voor onbepaalde tijd slechts mogelijk is indien de werknemer een bewijs van bekwaamheid heeft voor het door hem te geven vak. Voorts heeft de werkgever na het eerste dienstverband het dienstverband met de werknemer verlengd voor 12 maanden op grond van bijzondere omstandigheden. Van dergelijke omstandigheden is niet gebleken. Omdat ook voor het overige niet gebleken is van feiten of omstandigheden die volgens de CAO VO een voortzetting van het dienstverband per 1 augustus 2009 voor bepaalde duur mogelijk maakten en omdat de werknemer in het bezit was van een wettelijke onderwijsbevoegdheid, dient het dienstverband van 1 augustus 2009 beschouwd te worden als te zijn aangegaan voor onbepaalde tijd. Aldus heeft die de werknemer ontslagen uit een dienstverband voor onbepaalde tijd op grond van het niet hebben van een bevoegdheid voor het vak Natuurkunde. Omdat het niet hebben van een bepaalde bevoegdheid geen reden kan zijn voor een ontslag uit een vast dienstverband, kan het ontslag geen stand houden. Beroep gegrond.
De complete tekst kunt u hier downloaden.

19-10-2011

105045 - Beroep tegen ontslag wegens opheffing betrekking; VO

De werknemer is werkzaam op basis van een ID-regeling. Deze regeling wordt afgebouwd en in verband daarmee heeft de  werkgever het dienstverband op 23 mei 2011 opgezegd per 1 augustus 2012. Gebleken is dat de subsidie per 1 augustus 2012 zal eindigen en dat de bekostiging van de functie alleen op basis van de ID-regeling plaatsvindt. In zoverre wordt het ontslag gedragen door de reden van opheffing van de functie. Tussen de ontslagbeslissing en de ontslagdatum ligt een periode van ruim veertien maanden. Onder deze omstandigheden kunnen de inspanningen van de werkgever in het kader van herplaatsing dan wel doorstroom in de periode gelegen tussen de ontslagbeslissing en de daadwerkelijke ontslagdatum, door de Commissie onvoldoende worden getoetst. Beroep gegrond. De complete tekst kunt u hier downloaden.

11-10-2011

105027 - Beroep tegen ontslag op staande voet; VO

Werknemer, conciërge, is op staande voet ontslagen wegens het meenemen van een gevonden mobiele telefoon uit de conciërgeloge op school, welke telefoon hij vervolgens via zijn zoon aan een derde heeft verkocht. De aan het ontslag ten grondslag gelegde feiten zijn voldoende aannemelijk geworden en gezien de aard en ernst van deze feiten is sprake van een dringende reden op grond waarvan van de werkgever redelijkerwijze niet meer verlangd kon worden het dienstverband met de werknemer te laten voortduren. Voorts is het ontslag onverwijld verleend.
Beroep ongegrond.
De complete tekst kunt u hier downloaden.

01-09-2011

104944 / 104968 - Beroep tegen schorsing als ordemaatregel en verlenging daarvan; VO

Werkgever heeft werkneemster bij wijze van ordemaatregel geschorst voor de duur van 4 weken omdat hij een onderzoek wilde instellen naar de conflictueuze situatie binnen de sectie waar werkneemster werkzaam was en om zich te beraden op eventuele te nemen maatregelen. Gebleken is dat werkneemster in een conflictueuze situatie met één van haar collega's terecht is gekomen en dat zij zich hierover meerdere malen ongepast heeft uitgelaten tegenover leerlingen. De werkgever heeft aannemelijk gemaakt dat de houding van werkneemster tegenover een collega gevolgen had voor de verhoudingen binnen de sectie en ook voor haar relatie met de schoolleiding. De schorsing is een passende ordemaatregel om de vereiste rust binnen de sectie te herstellen en de leerlingen niet te belasten met deze kwestie.
Beroep tegen de tweede schorsing gegrond vanwege het niet in acht nemen van de voornemen-procedure. De omstandigheid dat werkneemster zich reeds tegen de eerste schorsing had verweerd maakt dat niet anders omdat de omstandigheden veranderd zouden kunnen zijn.
Beroep tegen eerste schorsing ongegrond; beroep tegen tweede schorsing gegrond.
De complete tekst kunt u hier downloaden.

25-08-2011

105050 - Verzoek voorlopige voorziening; verzoek om doorbetaling salaris; VO

De werknemer is op staande voet ontslagen wegens beweerde fraude bij het digitale eindexamen van de school, bestaande uit het vroegtijdig openen van de examens en docenten van de inhoud kennis laten nemen. Het ontslag is onverwijld gegeven. Het voortijdig openen van de digitale examens en het daarbij inzage geven aan docenten staan voldoende vast. Het is niet aannemelijk dat de werknemer alleen de examens heeft geopend om technisch onderzoek te doen. Het voortijdig openen van de digitale examens en het daarbij inzage geven aan docenten is naar het voorlopig oordeel van de Voorzitter toereikend voor een ontslag op staande voet. Er kan met onvoldoende mate van waarschijnlijkheid worden aangenomen dat de Commissie in de bodemprocedure het beroep gegrond zal verklaren.De gevraagde voorziening wordt afgewezen.
De complete tekst kunt u hier downloaden.

10-05-2011

104873 - Beroep tegen disciplinair ontslag; VO

De werknemer is disciplinair ontslagen vanwege het niet naleven van de geldende regels rondom verzuim. De werkgever heeft in zijn voornemen tot het opleggen van de maatregel niet vermeld welke disciplinaire maatregel hij voornemens was op te leggen. Daarmee heeft de werkgever de werknemer de mogelijkheid ontnomen bij diens afweging wel of geen verweer te voeren, alsmede bij het verweer zelf, het karakter van de hem eventueel op te leggen maatregel te betrekken. Daardoor is de werknemer in de hem door de CAO geboden verweermogelijkheden geschaad. Beroep gegrond. De complete tekst kunt u hier downloaden.

27-04-2011

104638 - Beroep tegen ontslag wegens arbeidsongeschiktheid; VO

Werkneemster is sinds 2008 arbeidsongeschikt. Het UWV heeft haar een WIA-uitkering toegekend op basis van een arbeidsongeschiktheidspercentage van 100%. In het kader van de herbeoordeling van de WIA heeft het UWV geoordeeld dat werkneemster onveranderd ongeschikt is voor de maatgevende arbeid en besloten dat zij ongewijzigd volledig arbeidsongeschikt is. Gezien de gebleken geringe mogelijke inzetbaarheid van werkneemster alsmede gezien haar volledige arbeidsongeschiktheid en het feit dat de werkgever geen maatregelen zijn opgelegd in verband met mogelijke tekortkomingen in zijn re-integratieverplichtingen, heeft de werkgever in redelijkheid tot opzegging van het dienstverband wegens blijvende arbeidsongeschiktheid kunnen beslissen. Beroep ongegrond.
De complete tekst kunt u hier downloaden.

31-03-2011

104843 - Beroep tegen ontslag wegens arbeidsongeschiktheid; VO

Werkneemster stelt dat niet is voldaan aan de voorwaarden van artikel 20 ZAVO. De Commissie oordeelt dat dit wel het geval is. Werkneemster is meer dan 2 jaar onafgebroken arbeidsongeschikt. Het gegeven dat zij in het kader van de re-integratieverplichtingen werkzaamheden heeft verricht, doet daaraan niet af. Uit de toekenningsbeschikking en het deskundigenoordeel mocht de werkgever afleiden dat herstel binnen 6 maanden na de voorgenomen ontslagdatum niet is te verwachten. Blijkens het arbeidsdeskundig rapport heeft de werkgever voldaan aan zijn herplaatsingsverplichtingen. Beroep ongegrond. De complete tekst kunt u hier downloaden.

14-02-2011

104799 - Beroep tegen ontslag wegens gewichtige omstandigheden; VO

Werkgever heeft het dienstverband met werknemer opgezegd vanwege een incident waarbij werknemer betrokken is geweest.
Vast staat dat werknemer het lokaal is binnengegaan toen de les van zijn collega nog niet was afgelopen, dat hij de muziekinstallatie heeft uitgezet en dat hij jegens zijn collega een discutabele  opmerking heeft gemaakt. Vervolgens heeft werknemer het werkstuk van een leerling in de papier-/prullenbak gegooid en er is uiteindelijk een fysieke confrontatie ontstaan tussen hem en de leerling. De handelwijze van appellant is dermate onbetamelijk en onprofessioneel dat de werkgever redelijkerwijs tot het besluit heeft kunnen komen dat sprake is van zodanige gewichtige omstandigheden dat voortzetting van het dienstverband niet van de werkgever geëist kan worden. Beroep ongegrond.
De complete tekst kunt u hier downloaden.

05-11-2010

104558 - Bezwaar tegen opzegging tegen de overeengekomen einddatum van een verlengd tijdelijk dienstverband wegens onvoldoende functioneren. VO

De werknemer is tijdens een functioneringsgesprek gewezen op diverse verbeter- en aandachtspunten. Gebleken is dat de werknemer beschikte over een langdurige, vergelijkbare werkervaring zodat van hem verwacht mocht worden dat hij zich zelfstandig kon verbeteren. Aan de werknemer is daartoe ruimschoots gelegenheid geboden, namelijk vanaf de mededeling van de werkgever hierover op 6 december 2009 en niet slechts vanaf 1 maart 2010, de ingangsdatum van het tweede tijdelijk dienstverband. Voldoende is vast komen te staan dat er na 6 december 2009 geen verbetering in het functioneren van de werknemer is opgetreden. Met de mededeling van 8 maart 2010, dat als gevolg van het uitblijven van voldoende verbetering het tijdelijk dienstverband na 1 augustus 2010 niet meer zou worden verlengd, is de werknemer niet onnodig beperkt in zijn kansen om zich te verbeteren, maar is hem in feite extra tijd geboden om zich te oriënteren op de arbeidsmarkt. Daarbij heeft de werkgever zich ingespannen om de werknemer te introduceren bij een voor hem relevante werkgever.
De werkgever heeft in redelijkheid kunnen besluiten het verlengd tijdelijk dienstverband met de werknemer per 1 augustus te beëindigen. Beroep ongegrond. De complete tekst van de uitspraak kunt u hier downloaden.

26-10-2010

104518 - Beroep tegen tussentijdse opzegging arbeidsovereenkomst wegens onbekwaamheid/ongeschiktheid; VO

Werkgever heeft de arbeidsovereenkomst met werknemer tussentijds opgezegd omdat hij zich onbetamelijk en onprofessioneel heeft gedragen. De werknemer ontkent dit. Voor zover bepaalde verwijten wel juist zijn, moeten deze in hun context worden geplaatst. Daarbij is hem de mogelijkheid ontnomen zich te verbeteren.
De door werknemer erkende verwijten aan zijn adres getuigen op zichzelf staand reeds van onbetamelijk en onprofessioneel gedrag. Voldoende is vast komen te staan dat er met werknemer diverse keren is gesproken over zijn functioneren en zijn gedrag en dat hij in de gelegenheid is gesteld zijn functioneren te verbeteren.
De werkgever heeft derhalve redelijkerwijze tot de beslissing  kunnen komen dat er sprake is van onbekwaamheid en ongeschiktheid om de functie van docent uit te oefenen. Beroep ongegrond. De complete tekst kunt u hier downloaden.

07-09-2010

104544 - Beroep tegen beëindiging verlengd tijdelijk dienstverband; VO

Het dienstverband met werkneemster is niet gecontinueerd omdat werkneemster volgens de werkgever niet in staat is te voldoen aan de eisen die worden gesteld bij de uitoefening van het beroep van docent. Gebleken is dat er problemen zijn met de wijze van communiceren - in de breedste zin van het woord - van de werkneemster. Er is sprake van een negatieve werksfeer in de les en de didactische vaardigheden laten te wensen over. De werkgever heeft zich voldoende inspanningen getroost om het functioneren van werkneemster naar een hoger niveau te brengen. Van discriminatie door de werkgever, zoals gesteld door de werkneemster, is niet gebleken. De werkgever heeft, op goede gronden tot de conclusie kunnen komen, dat werkneemster niet in staat is haar lessen op een voor de school aanvaardbaar niveau te verzorgen en heeft derhalve in redelijkheid tot het besluit kunnen komen om het tijdelijk dienstverband niet te verlengen.
Beroep ongegrond.
De complete tekst kunt u hier downloaden.

19-08-2010

104635 - Vereenvoudigde behandeling inzake te laat ingesteld beroep tegen opzegging arbeidsovereenkomst; VO

De werknemer heeft niet tijdig beroep ingesteld tegen de beslissing van de werkgever. De werknemer heeft aangevoerd dat de opzeggingsbrief nog geen definitieve opzegging was omdat gesproken werd over de voorgenomen beëindiging waarbij de werkgever nog een nadere toelichting zou geven. Uit de inhoud van de brief en uit de dankzegging voor de verrichte werkzaamheden volgt onomstotelijk dat sprake is van een definitieve opzegging van de arbeidsovereenkomst. Daarenboven vermeldt de beslissing de mogelijkheid beroep in te stellen bij de Commissie. Een latere brief van de werkgever verstrekt slechts informatie over het vinden van een nieuwe baan en kan redelijkerwijze niet als toelichting op de opzegging worden gezien. Voorts is niet gebleken van enige toezegging van de werkgever om nog een nadere toelichting te verstrekken. Beroep kennelijk niet-ontvankelijk vanwege niet-verschoonbare termijnoverschrijding. De complete tekst kunt u hier downloaden.

17-08-2010

104543 - Beroep tegen ontslag wegens blijvende arbeidsongeschiktheid; VO

Werkneemster is sinds 2008 arbeidsongeschikt. Het UWV heeft haar een WGA-uitkering toegekend op basis van een arbeidsongeschiktheidspercentage van 100%. Uit de toekenningsbeschikking mocht de werkgever ten tijde van de opzegging afleiden dat herstel binnen zes maanden redelijkerwijs niet was te verwachten. Het rapport van de arbeidsdeskundige stelt dat de eigen werkzaamheden van werkneemster niet passend zijn en ook niet passend te maken zijn. Er zijn bij de werkgever geen reële herplaatsingsmogelijkheden voor werkneemster. De Commissie is van oordeel dat aan de voorwaarden genoemd in artikel 20 Zavo is voldaan en dat het ontslag gedragen wordt door de daaraan ten grondslag gelegde reden van arbeidsongeschiktheid wegens ziekte of gebrek. Beroep ongegrond.
De complete tekst kunt u hier downloaden.

17-08-2010

104506 - Beroep tegen tussentijdse beëindiging van tijdelijke uitbreiding van het dienstverband.

De tijdelijke uitbreiding van de betrekking is overeengekomen in verband met arbeidsmarktomstandigheden in de vorm van een loonmaatregel. De werknemer verrichtte geen werkzaamheden voor deze 0,19 fte. De werkgever heeft opgezegd omdat de werktijden van de werknemer een tijdelijke uitbreiding niet zouden rechtvaardigen en omdat de werknemer niet geautoriseerd zou zijn op instellingsniveau.
De keuze voor een tijdelijke uitbreiding van de betrekking heeft tot gevolg dat van een tussentijdse opzegging slechts sprake kan zijn als daarvoor een geldige reden is.
De door de werkgever opgevoerde gronden zien niet op één van de limitatief opgesomde gronden voor opzegging van artikel 9.a.5. CAO-VO. Omdat een geldige grond voor opzegging van het dienstverband ontbreekt, verklaart de Commissie het beroep gegrond. De complete tekst kunt u hier downloaden.

16-03-2010

104364 - Beroep tegen ontslag op staande voet; VO

De ontslagbrief vermeldt dat de werknemer misbruik heeft gemaakt van zijn positie als docent door het aangaan van een (seksuele) relatie met een leerlinge. De dringende reden is voor de Commissie voldoende komen vast te staan. De rector had de werknemer aangesproken op zijn omgang in de privé-sfeer met de leerlinge; dit had de werknemer ertoe moeten brengen zich te realiseren dat het leraarschap grenzen stelt aan de omgang met leerlingen buiten de klassensituatie. Leerlingen en hun ouders mogen van school verwachten dat de leerlingen er een veilige leeromgeving aantreffen. Deze veiligheid vereist van de op school werkzame personen dat zij oog hebben voor de professionele grenzen en daar ook naar handelen. Door de relatie met de leerlinge, in plaats van te beëindigen, juist te intensiveren en toe te laten dat deze uitmondde in een liefdesrelatie, heeft de werknemer de grenzen van professionaliteit dermate ernstig overschreden dat van de werkgever in redelijkheid niet kon worden gevergd dat hij na het bekend raken met deze relatie de arbeidsovereenkomst zou laten voortduren. Door het ontslag op dezelfde dag te geven als deze waarop de werknemer zijn ontslagname introk, is voldaan aan het vereiste dat het ontslag onverwijld dient te worden verleend. Beroep ongegrond.
De complete tekst kunt u hier downloaden.

08-01-2010

104309 - Beroep tegen verlengde schorsing en ontslag gewichtige omstandigheden; VO

De werknemer is aangehouden op verdenking van een zedenmisdrijf. Hij heeft toegegeven onzedelijke handelingen met een minderjarige te hebben gepleegd. Hij is in eerste instantie geschorst. Hierop is een tweede schorsing gevolgd en ontslag wegens gewichtige redenen die primair bestaan uit omstandigheden die een dringende reden voor ontslag vormen en subsidiair uit verandering van omstandigheden als bedoeld in artikel 7:685 BW. De werkgever heeft verzuimd de werknemer in de gelegenheid te stellen zich tegen de verlenging van de schorsing. Dit is in strijd met de artikel 8.b.8 CAO-VO. Ontslag wegens dringende reden is niet reëel aangezien de werknemer een opzegtermijn is gegund van drie maanden. Wel heeft de werkgever in redelijkheid kunnen stellen geen vertrouwen meer te hebben in een onbelemmerd functioneren van de werknemer. Van de werkgever kan niet worden gevergd dat hij de arbeidsovereenkomst in stand houdt. Daarbij speelt de aard van de handelingen en de feitelijke werkzaamheden van de werknemer ook een rol. Die zijn naar het oordeel van de Commissie op dit moment onverenigbaar met elkaar. Het beroep tegen de verlengde schorsing gegrond; beroep tegen ontslag ongegrond.
De complete tekst kunt u hier downloaden.

16-12-2009

104278 - Beroep tegen beëindiging verlengd tijdelijk dienstverband; VO

Werknemer is docent; zijn verlengd tijdelijk dienstverband is beëindigd wegens het niet behalen van de onderwijsbevoegdheid, alsmede wegens onvoldoende functioneren. De Commissie oordeelt dat het een tijdelijk dienstverband betreft omdat het dienstverband van een docent  zonder onderwijsbevoegdheid niet vast kan zijn. In artikel 8.a.2 lid 7 CAO VO is aangegeven welke dienstverbanden na een periode van drie jaar worden omgezet van tijdelijk naar vast. In dat artikel wordt niet verwezen naar artikel 8.a.2 lid 1dat het tijdelijk dienstverband wegens het ontbreken van onderwijsbevoegdheid betreft. Aan de beëindiging van een verlengd tijdelijk dienstverband behoeft geen opzeggingsgrond ex art. 9.a.5 CAO VO ten grondslag te liggen en de voornemen-procedure van art. 9.a.8 CAO VO is niet van toepassing. Er dient nagegaan te worden of de beëindiging in redelijkheid kon gebeuren. In casu oordeelt de Commissie dat dit het geval is omdat het de bedoeling was dat werknemer binnen twee jaar na 2005 zijn onderwijsbevoegdheid zou halen. Dat de werkgever na drie jaar een ultimatum heeft gesteld, is niet onredelijk. De werkgever heeft reeds vanwege het niet behalen van de onderwijsbevoegdheid binnen de overeengekomen periode, in redelijkheid het verlengd tijdelijk dienstverband kunnen beëindigen. De opzegtermijn die de werkgever diende te hanteren op grond van artikel 9.a.4 lid 1 aanhef en onder c CAO VO bedraagt drie maanden in plaats van de gehanteerde een maand. Beroep ongegrond.
De complete tekst kunt u hier downloaden.

16-12-2009

104305 - Beroep tegen ontslag wegens onbekwaamheid/ongeschiktheid; VO

Werknemer is docent en is ontslagen wegens onvoldoende functioneren. Hoewel de werkgever geen op maat gesneden begeleidingstraject heeft ontwikkeld, heeft hij de werknemer vanaf 2007 meerdere malen aangegeven op welke punten zijn functioneren diende te verbeteren. De verbeterpunten waren zodanig concreet geformuleerd dat van de werknemer verwacht kon worden hiermee aan de slag te gaan. De werkgever heeft voldoende aannemelijk gemaakt dat dit niet is gebeurd. Gezien de pogingen die de werkgever heeft gedaan om het functioneren van de werknemer op een hoger niveau te brengen - zoals het bijwonen van de lessen, het daarna bespreken van de lessen met de werknemer en het formuleren van verbeterpunten - en de conclusie dat die inspanningen geen aanvaardbaar resultaat hebben opgeleverd, is de ongeschiktheid van de werknemer voor de functie van docent naar het oordeel van de Commissie voldoende vast komen te staan en heeft de werkgever hem redelijkerwijze op die grond kunnen ontslaan. De te hanteren opzegtermijn bedroeg op grond van artikel 9.a.4 lid 1 aanhef en onder c CAO VO drie maanden in plaats van de gehanteerde twee maanden bedroeg. Beroep ongegrond.
De complete tekst kunt u hier downloaden.

23-11-2009

104192 - Beroep tegen ontslag wegens gewichtige redenen; VO

Het verlengd tijdelijk dienstverband is beëindigd vanwege het niet nakomen van gemaakte studieafspraken. De Commissie overweegt dat aan de beëindiging van een verlengd tijdelijk dienstverband geen opzeggingsgrond ex art. 9.a.5 CAO VO ten grondslag behoeft te liggen en dat ook de voornemen-procedure van art. 9.a.8 CAO VO niet van toepassing is. Dat de werkgever wel heeft opgezegd op grond van één van de in dit artikel genoemde opzeggingsgronden, beschouwt de Commissie als te zijn gedaan uit oogpunt van de te betrachten zorgvuldigheid. De Commissie overweegt voorts dat reeds in 2007 aan werkneemster kenbaar is gemaakt dat de werkgever uit oogpunt van onderwijskwaliteit heeft besloten uitsluitend te werken met onderwijspersoneel dat beschikt over de wettelijke onderwijsbevoegdheden. De werkgever heeft werkneemster nadien met enige regelmaat op de verplichting gewezen haar onderwijsbevoegdheid te behalen en haar daarbij op de consequentie gewezen dat, als zij niet voor 1 augustus 2009 haar diploma zou behalen, dit tot gevolg zal hebben dat het tijdelijke dienstverband niet zal worden verlengd. De werkneemster heeft haar bevoegdheid niet tijdig behaald zodat de werkgever in redelijkheid heeft kunnen beslissen het verlengd tijdelijk dienstverband met haar te beëindigen. Beroep ongegrond.
De complete tekst kunt u hier downloaden.

19-11-2009

104183 - Beroep tegen ontslag wegens onbekwaamheid/ongeschiktheid; VO

Het tweede dienstverband voor bepaalde tijd is beëindigd vanwege een niet positief afgerond beoordelingstraject. De Commissie overweegt dat aan de beëindiging van een verlengd tijdelijk dienstverband geen opzeggingsgrond ex art. 9.a.5 CAO VO ten grondslag behoeft te liggen en dat ook de voornemen-procedure van art. 9.a.8 CAO VO niet van toepassing is. Dat de werkgever wel heeft opgezegd op grond van één van de in dit artikel genoemde opzeggingsgronden, beschouwt de Commissie als te zijn gedaan uit oogpunt van de te betrachten zorgvuldigheid.Voorts is de Commissie van oordeel dat de onbekwaamheid of ongeschikt van de werknemer voldoende is komen vast te staan en dat de werkgever zich voldoende inspanningen heeft getroost om het functioneren van werknemer naar een hoger niveau te brengen. Beroep ongegrond.
De complete tekst kunt u hier downloaden.

19-10-2009

104185 / 104187 - Beroepen tegen opzegging beweerd tijdelijk dienstverband; VO

De werknemer voert aan dat de grond voor opzegging niet juist is en aan hem zouden toezeggingen over voortzetting van het dienstverband zijn gedaan.
Met de werknemer zijn twee opeenvolgende arbeidsovereenkomsten gesloten. De eerste arbeidsovereenkomst had als grond: voorziening in een tijdelijke vacature, zoals vermeld in artikel 8.a.2 lid 5 onder b van de CAO-VO. Uit de omstandigheden van het geval valt af te leiden dat ook het tweede dienstverband als grond heeft de voorziening in een tijdelijke vacature.
Artikel 8.a.2 CAO VO gelezen in zijn geheel geeft geen steun voor het standpunt van de werkgever dat de beperking tot één jaar van het tijdelijke dienstverband als voorziening in een vacature, vanwege de in artikel 8.a.2. lid 7 genoemde maximale duur van drie jaar, in dit geval niet zou gelden.
Aldus heeft de werkgever in strijd met artikel 8.a.2. lid 5 onder b. CAO-VO gehandeld door de werknemer een tweede jaar te benoemen in een tijdelijk dienstverband als voorziening in een tijdelijke vacature. Omdat een rechtsgeldige grond voor een tijdelijk dienstverband ontbreekt, dient het dienstverband van de werknemer te worden aangemerkt als aangegaan voor onbepaalde tijd. De mededeling omtrent het niet voortzetten van het dienstverband is aldus een ontslag uit een vast dienstverband. Voor dit ontslag heeft de werkgever met zijn verwijzing naar de opzegging van een tijdelijk dienstverband en een mogelijke overformatie in de toekomst geen geldige reden opgevoerd. Beroepen gegrond.
De complete tekst kunt u hier downloaden.

27-08-2009

104163 - Beroep tegen opzegging dienstverband voor bepaalde tijd; VO

De werknemer heeft een tijdelijk dienstverband omdat hij nog niet in het bezit is van zijn onderwijsbevoegdheid. De werkgever wordt geconfronteerd met terugloop van inkomsten en verlengt het dienstverband niet.De handelwijze van de werkgever is ingegeven door afspraken met de Centrales die vastgelegd zijn in een Sociaal Plan. Hij heeft volgens deze afspraken gehandeld. Voorts is niet gebleken van afspraken of toezeggingen over een dienstverband voor onbepaalde tijd. Het beroep is ongegrond.
De complete tekst kunt u hier downloaden.

07-07-2009

104117 - Beroep tegen ontslag op staande voet; VO

Ontslag is gebaseerd op terugkerend plichtsverzuim. Werkneemster heeft erkend dat zij zich meerdere malen te laat heeft ziek gemeld dan wel te laat op school is verschenen. Ten aanzien van het argument van de werkgever dat er sprake is van de spreekwoordelijke druppel die de emmer deed overlopen, overweegt de Commissie dat ter zitting gebleken is dat de laatste twee schriftelijke berispingen zijn opgelegd in een periode waarin werkneemster (gedeeltelijk) arbeidsongeschikt was en een zware kuur volgde met als één van de bijwerkingen zware vermoeidheidsklachten. Hierdoor kan niet staande worden gehouden dat er sprake is van dermate ernstig opeenvolgend plichtsverzuim op grond waarvan van de werkgever niet langer gevergd kan worden het dienstverband te laten voortduren. Voorts is de Commissie onvoldoende gebleken dat de werkgever voldoende rekening heeft gehouden met de persoonlijke omstandigheden en belangen van werkneemster. Gelet hierop en mede in acht nemend de ingrijpende gevolgen van een ontslag op staande voet, is er onvoldoende basis voor dit ontslag. Beroep gegrond.
De complete tekst unt u hier downloaden.

18-06-2009

104109 - Beroep tegen tussentijdse opzegging wegens onbekwaamheid/ongeschiktheid; VO

Reeds korte tijd na het begin van het schooljaar heeft de werkgever gesprekken met de werkneemster gestart over de gang van zaken in haar klassen. Het beeld dat uit de verslagen van de gesprekken naar voren komt is dat de leerlingen zich niet gehoord voelden en zich niet serieus genomen voelden door de werkneemster. De oorzaak hiervan lag in haar leshouding die primair gericht was op overdracht van informatie en daarmee een passieve rol van de leerlingen, daar waar de school stond voor een meer activerende didactiek waarbij de leerlingen gebruik maken van activerende werkvormen en er afwisseling in de lessen is. De sfeer in de klassen van de werkneemster was onrustig. Gebleken is dat de werkneemster en de werkgever diepgaand van mening verschillen over visie en wijze waarop omgegaan dient te worden met het gezag in relatie tot de specifieke doelgroep. Zonder dat hiervoor uitsluitend de werkneemster verantwoordelijk kan worden gesteld dient geconcludeerd te worden dat gezien de onoverbrugbare verschillen van inzicht tussen partijen voorzetting van het dienstverband redelijkerwijze niet van de werkgever verlangd kon worden. Beroep ongegrond onder convertering van de niet juist gehanteerde opzegtermijn.
De complete tekst kunt u hier downloaden.

20-05-2009

103960 - Beroep tegen verlenging schorsing als ordemaatregel; VO

Naar aanleiding van een incident in de klas is een docent geschorst voor vier weken. Deze schorsing is verlengd. De werknemer heeft tegen de eerste schorsing geen beroep ingesteld. De werkgever heeft verzuimd de werknemer in de gelegenheid te stellen zich tegen deze schorsing te verweren. Aldus is gehandeld in strijd met de voorschriften van artikel 8.b.8 van de CAO-VO, welke naar het oordeel van de Commissie ook in het geval van een verlenging van de schorsing in acht dienen te worden genomen. Bij het nemen van een beslissing als deze dienen alle omstandigheden van het geval in aanmerking genomen te worden. Het is denkbaar dat na afloop van de eerste schorsing omstandigheden - voor de werknemer - gewijzigd kunnen zijn. Omdat de werkgever vóór het nemen van zijn beslissing nagelaten heeft de werknemer hierover te horen is de laatste geschaad in zijn door de CAO beschermd belang. Beroep gegrond.
De complete tekst kunt u hier downloaden.

13-03-2009

103952 - Beroep berisping; VO

De werkgever heeft werkneemster een berisping opgelegd vanwege afwezigheid bij de eindrapportvergaderingen terwijl het verzoek om dan verlof te mogen opnemen, was afgewezen. De Commissie oordeelt dat de feiten vaststaan. Ten aanzien van de vraag of de afwezigheid ongeoorloofd was, overweegt de Commissie dat werkneemster heeft erkend dat zij reeds bij aanvang van het schooljaar wist op welke datum de eindrapportvergaderingen zouden plaatsvinden. Ook besefte zij dat haar aanwezigheid op deze vergaderingen gewenst was. Werkneemster had kunnen weten dat er sprake was een opdracht van de werkgever om aanwezig te zijn en dat het niet opvolgen daarvan zou worden aangemerkt als plichtsverzuim. Het behoort tot de werkzaamheden van een docent om bij de eindrapportvergaderingen aanwezig te zijn en de data voor deze vergaderingen waren reeds bij aanvang van het schooljaar bekend. Aan werkneemster was enkele weken daarvoor al een schriftelijke berisping opgelegd vanwege eenzelfde plichtsverzuim. Door vervolgens niet op de desbetreffende vergaderingen te verschijnen, terwijl zij een groot deel van die week was vrij geroosterd van haar reguliere werkzaamheden, heeft werkneemster zich schuldig gemaakt aan plichtsverzuim. Berisping wegens herhaalde ongeoorloofde afwezigheid is proportioneel. Beroep ongegrond. 
De complete tekst kunt u hier downloaden.

26-02-2009

103976 - Beroep tegen ontslag wegens gewichtige omstandigheden; VO

Werknemer was afwezig en heeft de werkgever eerst achteraf bericht dat deze afwezigheid werd veroorzaakt door gerechtelijke vrijheidsbeneming. Werknemer stelde een vervangende hechtenis uit te zitten vanwege het niet voldoen aan openstaande boetes. De Commissie constateert dat sprake is van ongeoorloofde afwezigheid en dat de werknemer heeft nagelaten de werkgever inzicht te geven in de reden en de duur van deze vrijheidsbeneming. Omdat de werknemer door de door hem gemaakte keuze in de privé-sfeer meer dan 10 maanden niet kan voldoen aan de uit de arbeidsovereenkomst voortvloeiende verplichtingen, is de Commissie van oordeel dat de werkgever dit onverantwoordelijk gedrag van werknemer in redelijkheid heeft kunnen aanmerken als een gewichtige omstandigheid als bedoeld in artikel 4a.5 sub i CAO VO op grond waarvan het dienstverband kon worden beëindigd. Beroep ongegrond.
De complete tekst kunt u hier downloaden.

25-02-2009

103932 - Beroep tegen ontslag wegens arbeidsongeschiktheid; VO

Werknemer is docent. UWV heeft hem een WGA-uitkering toegekend naar mate van volledige arbeidsongeschiktheid. Uit de toekenningsbeschikking mocht de werkgever op dat moment afleiden dat herstel binnen zes maanden redelijkerwijs niet te verwachten was. Ten tijde van het nemen van de ontslagbeslissing kon de werkgever er in redelijkheid van uitgaan dat aan de voorwaarden van artikel 20 Zavo was voldaan. Dit werd anders na de ontvangst van een brief van UWV waarin de arbeidskundige opmerkt dat de voor de werknemer toegestane arbeidsduur 20 uur per week, respectievelijk ongeveer 4,0 uur per dag bedraagt. Dit had voor de werkgever aanleiding moeten zijn een ondubbelzinnig oordeel van het UWV te vragen over de termijn, waarop eventueel herstel kon worden verwacht en de gevolgen die dat voor de mogelijkheid van reïntegratie zou kunnen hebben. Niet kan worden gezegd dat op de door de werkgever beoogde ontslagdatum aan de voorwaarden van artikel 20 Zavo was voldaan. Beroep gegrond.
De complete tekst kunt u hier downloaden.

27-01-2009

103921 - Beroep tegen ontslag wegens opheffing betrekking met herbenoeming; VO

Werknemer is ontslagen uit de functie kernteamleider en herbenoemd in de functie van LC docent. De Commissie stelt vast dat de 'nieuwe' functie van kernteamleider ten opzichte van de functie van kernteamleider zoals deze voorheen bij de werkgever gold, is verzwaard met een aantal extra taken, waaronder het hiërarchisch aansturen van medewerkers. Het is voldoende aannemelijk gemaakt dat sprake is van een nieuwe functie met inhoudelijk andere werkzaamheden die ook andere competenties van de betrokken werknemer vraagt. Hiermee staat vast dat de functie van kernteamleider waarin werknemer was benoemd, is komen te vervallen. De Commissie kan voorts niet treden in de beslissing die de benoemingsadviescommissie ten aanzien van het niet benoemen van werknemer in deze functie heeft genomen. Immers, de beslissing om over te gaan tot een reorganisatie van een onderwijskundig deel van de organisatiestructuur en het als gevolg van deze reorganisatie niet benoemen van een werknemer in een nieuwe functie valt in beginsel binnen de vrije beleidsruimte van de werkgever. Niet is gebleken dat de werkgever op onredelijke wijze gebruik heeft gemaakt van deze vrijheid door werknemer niet te benoemen in de functie van kernteamleider en hem vervolgens te herbenoemen in de functie van LC-docent. De werkgever heeft in redelijkheid kunnen beslissen de arbeidsovereenkomst met werknemer op te zeggen wegens opheffing van zijn betrekking. Dat werknemer vervolgens is benoemd in de functie van LC-docent acht de Commissie niet onredelijk aangezien werknemer voorafgaande aan zijn werkzaamheden als kernteamleider en ook tijdens deze werkzaamheden immer lesgevende taken heeft gehad. Beroep ongegrond.
De complete tekst kunt u hier downloaden.

20-01-2009

103938 - Beroep tegen ontslag wegens gewichtige redenen; VO

Werknemer is sinds 1982 werkzaam bij de werkgever, achtereenvolgens als docent, adjunct-directeur, directeur en laatstelijk weer als adjunct-directeur (met lesgevende taken). Vast staat dat de werkgever regelmatig gesprekken met de werknemer heeft gevoerd over problemen in de samenwerking met opeenvolgende directeuren. Eveneens staat vast dat de in het schooljaar 2007/2008 aangetreden directeur al na korte tijd dergelijke problemen heeft ervaren. De werkgever heeft in redelijkheid kunnen concluderen dat het aanblijven van de werknemer een negatieve invloed zou hebben op de samenwerking en daardoor op de ontwikkeling van het onderwijsproces. Partijen hebben bijna een jaar tevergeefs geprobeerd om tot een oplossing te komen. Deze omstandigheden heeft de werkgever in redelijkheid kunnen aanmerken als met name genoemde gewichtige omstandigheden. Beroep ongegrond met conversie opzegtermijn.
De complete tekst kunt u hier downloaden.

Print pagina