31-07-2006

103189 Klacht over hardhandig optreden klassenassistent PO

Vader klaagt tegenover klassenassistent over de afhandeling van een incident waarbij de klassenassistent de zoon van klager hardhandig zou hebben bejegend waardoor de leerling zijn heup bezeerde. De verklaringen van partijen zijn volledig tegengesteld. Omdat geen der partijen haar stelling op enigerlei wijze aannemelijker heeft kunnen maken dan de stelling van de andere partij, kan de Commissie niet tot een oordeel komen over de klachtwaardigheid van het optreden van verweerster. Onder die omstandigheden dient de klacht over hardhandig fysiek optreden van verweerster ongegrond te worden verklaard. De Commissie wil niet ongezegd laten dat de wijze waarop het bevoegd gezag van de school de behandeling van de klacht intern ter hand heeft genomen, verbazing wekt. Door niet het hele incident onderwerp van gesprek tussen betrokkenen te maken, heeft de school zichzelf de mogelijkheid ontnomen de verhoudingen binnen de groep te verbeteren en verweerster lering te laten trekken uit het incident. Dat klager in eerste instantie weigerde met de school en verweerster in gesprek te gaan over het voorval, is onvoldoende reden het intern nastreven van een oplossing achterwege te laten.
Klacht ongegrond.
De complete tekst kunt u hier downloaden.

06-03-2006

102891 Klacht wegens agressief gedrag leraar PO

Een drietal ouders klagen tegen een groepsleraar over diens agressief gedrag, waaronder het slaan van twee leerlingen. De Commissie constateert dat de verklaringen van partijen ten aanzien van het vermeende agressieve gedrag lijnrecht tegenover elkaar staan. Nu partijen elkaar tegenspreken en er geen aanvullende feiten of omstandigheden zijn op grond waarvan de Commissie kan vaststellen dat verweerder leerlingen zou hebben geslagen, vernederd dan wel anderszins onheus en/of agressief zou hebben bejegend, oordeelt de Commissie dat niet kan worden vastgesteld dat verweerder een agressieve gewelddadige leraar is, zoals door klagers gesteld. Daar komt bij dat ook de directeur heeft verklaard dat niet onomstotelijk kan worden vastgesteld dat verweerder zich heeft schuldig gemaakt aan het slaan van leerlingen. De Commissie heeft evenwel, gelet op het aantal vermeende "incidenten" en de onvrede die kennelijk reeds langere tijd bij een aantal ouders, waaronder klagers, leeft, begrip voor het feit dat de directeur deze signalen heeft opgepakt en maatregelen in de begeleidingsfeer jegens verweerder heeft genomen. Klacht ongegrond.
De complete tekst kunt u hier downloaden.

10-09-2004

102654 Klacht inzake niet-bevordering klas 4 HAVO VO

Klager klaagt tegen de directeur van de school omdat zijn zoon M. eind schooljaar 2003-2004 niet is bevorderd naar klas 4 HAVO, terwijl het cijfer 5,5 van de 1ste periode voor het vak Duits aan het eind van het schooljaar ten onrechte is gewijzigd in het cijfer 4,5 en M. niet de gelegenheid heeft gehad om voor Aardrijkskunde in de 4de periode een hoger cijfer te scoren.

De Commissie constateert dat M. niet voldoet aan de geldende overgangsnormen omdat hij geen gemiddeld cijfer 6,0 op zijn endrapport heeft (drie keer 5 en slechts 2 compensatiepunten, afkomstig van het vak Islamitische levensbeschouwing).  Niet wordt betwist dat het afgeronde eindcijfer 5 voor Duits het juiste cijfer is. Uitgaande van het onjuiste cijfer 5,5 voor Duitse taal op het 1ste rapport, zou het exacte eindcijfer niet 5,3 maar 5,5 zijn geweest.  De onjuiste cijfervermelding op het rapport van de 1ste periode is dus slechts voor 0,2 punt van invloed op het eindrapport, hetgeen de Commissie voor wat betreft de inschatting van de kans op het halen van een voldoende in dit geval marginaal acht. De stelling van klager dat, als M. had geweten dat het werkelijk aangehouden cijfer Duits voor de 1ste periode een 4,5 was, meer aandacht aan Duits had gegeven en het eindrapportcijfer dan wel een 6 zou zijn geweest, acht de Commissie niet aannemelijk, gelet op alle behaalde cijfers Duits. De leerling dient ook zelf zijn cijfers bij te houden. De Commissie concludeert dat de directeur op juiste gronden heeft kunnen beslissen om het eindcijfer Duits niet aan te passen. Ten aanzien van het cijfer 5 voor Aardrijkskunde overweegt de Commissie dat in de 2de periode een conflict tussen M. en de leraar heeft plaatsgevonden, daarover destijds geen klacht bij de directie is ingediend en thans niet meer kan worden achterhaald of M. al dan niet terecht een aantal lessen niet heeft mogen bijwonen. De stelling van klager dat M. het cijfer in de 4de periode niet heeft kunnen ophalen omdat de leraar per 01-06-2004 met ontslag is gegaan, acht de Commissie niet aannemelijk. Immers, het cijfer dat M. in de 4de periode heeft gehaald (7,1) is het hoogste cijfer dat hij voor dit vak heeft gehaald. De Commissie is van oordeel dat de directie de beslissing van de rapportvergadering om M. niet te bevorderen, in redelijkheid heeft kunnen handhaven omdat M. klas 3 HAVO doubleerde en ook geen onberispelijke staat van dienst had op het gebied van verzuim. De door klager genoemde negatieve gevolgen van het niet-bevorderen zijn veroorzaakt door de schoolprestaties van M. en niet door de beslissing die op basis van die prestaties genomen is.
Klacht ongegrond met aanbeveling om regeling overgangsnormen op te nemen in de schoolgids en de rapportcijfers desgevallend op decimalen af te ronden.
De complete tekst kunt u hier downloaden.

24-05-2004

102477 Klacht inzake seksuele intimidatie PO

Klaagster was stagiaire aan de school en klaagt erover dat verweerder haar naar de tweede etage van de school heeft meegenomen daar heeft getracht haar in haar nek en op haar mond te zoenen. Verweerder betwist en stelt geconstateerd te hebben dat het ondergoed van klaagster zichtbaar was en hij haar op een rustige plek binnen de school hierop heeft willen wijzen. De Commissie concludeert tot ongegrondheid van de klacht nu zij gelet op de elkaar tegensprekende verklaringen van partijen niet kan vaststellen dat er sprake is geweest van seksuele intimidatie en er voorts geen aanvullende feiten of omstandigheden zijn op grond waarvan de verklaring van de ene partij meer aannemelijk zou zijn dan die van de andere partij. Het meenemen van klaagster door verweerder naar de tweede etage, zonder zich door een derde te doen vergezellen en haar daar te confronteren met een heikele kwestie als een zichtbare string, kan volgens de Commissie als intimiderend jegens klaagster worden aangemerkt en geeft geen blijk van professioneel handelen. Verweerder had behoren in te schatten dat klaagster hiervan overstuur kon raken en zich geïntimideerd kon voelen. Daarom beveelt de Commissie het bevoegd gezag aan om te bewerkstelligen dat in functionerings- en/of beoordelingsgesprekken met verweerder aandacht aan dit punt wordt besteed en, indien nodig geacht, verweerder coaching aan te bieden. Voorts adviseert de Commissie het bevoegd gezag om een afschrift van dit advies in het personeelsdossier van verweerder op te nemen.
Klacht ongegrond met aanbeveling.
De complete tekst kunt u hier downloaden.

18-03-2004

102472 - Klacht tegen coördinator onderbouw met betrekking tot bejegening leerling; VO

Klaagster klaagt dat de coördinator onderbouw VMBO haar zoon zou hebben vernederd en emotioneel zou hebben mishandeld door hem tweemaal een situatie te laten naspelen welke situatie kort daarvoor reden was om hem uit de klas te halen (klachtonderdeel 1). Tevens klaagt klaagster erover dat verweerder ondanks haar telefonische verzoeken heeft geweigerd om contact met haar op te nemen (klachtonderdeel 2). Ten slotte verwijt klaagster verweerder de politie te hebben ingeschakeld met betrekking tot haar zoon, zonder dat met klaagster hierover overleg is gevoerd (klachtonderdeel 3). De Commissie oordeelt het eerste klachtonderdeel ongegrond nu de vernedering en emotionele mishandeling niet is komen vast te staan. Het tweede klachtonderdeel is gegrond nu verweerder laakbaar heeft gehandeld door er niet voor te zorgen dat de mentor daadwerkelijk contact met klaagster opnam. Het derde klachtonderdeel is ongegrond omdat niet verweerder maar de rector van de school de politie naar school heeft laten komen. Klacht deels gegrond, deels ongegrond.
De Commissie beveelt het bevoegd gezag aan een protocol m.b.t. communicatie met ouders op te stellen, een constructief gesprek tussen betrokkenen te bewerkstelligen en te bewerkstelligen dat de ouders worden geïnformeerd wanneer de politie een minderjarige van de school dient te horen. De complete tekst kunt u hier downloaden.

27-08-2002

102206 - Klacht seksuele intimidatie tegen OALT-leraar

Een aantal Marokkaanse moeders klaagt over seksueel getinte gedragingen van een Marokkaanse leraar ten opzichte van hun dochters, bestaande uit het maken van seksueel getinte opmerkingen en uit ongewenste aanrakingen.

De Commissie is tot de overtuiging gekomen dat verweerder het gedrag waarover geklaagd wordt heeft vertoond en acht dit gedrag niet passend in de verhouding leerling-leraar. De Commissie overweegt dat een OALT-leraar die als Moslim werkzaam is aan een Islamitische school behoort te weten welke cultuurgerelateerde gevoeligheden er kunnen zijn bij de omgang met leerlingen, in het bijzonder met meisjes. Verweerder, die de Marokkaanse groep zo goed kent had in zijn gedrag kunnen en moeten rekening houden met de normen en waarden van de Marokkaanse cultuur en had zich in verband daarmee terughoudend moeten opstellen. Verweerder kan zich niet beroepen op een hogere uitleg van de Koran die idealiter zou gelden.
Klachten gegrond.
De complete tekst kunt u hier downloaden.

Print pagina