Deze themapagina gaat over de toelating van leerlingen die extra ondersteuning nodig hebben. De wettelijke regels die daarbij gelden, zijn onderdeel van de wetgeving over passend onderwijs.

Als de school een leerling met extra ondersteuning niet toelaat en ouders het daar niet mee eens zijn, kunnen zij een geschil voorleggen aan de Geschillencommissie passend onderwijs (GPO). Op deze themapagina leest u ook meer over de adviezen van deze Commissie over toelatingsgeschillen.

Aanmelding leerling met extra ondersteuningsbehoefte

Ouders moeten hun kind schriftelijk bij een school aanmelden, zo mogelijk ten minste tien weken voorafgaand aan de datum waarop de toelating wordt gevraagd. Ouders mogen hun kind bij meerdere scholen tegelijkertijd aanmelden. Zij moeten dan wel aangeven dat zij hun kind ook bij een andere school hebben aangemeld en wat de school van voorkeur is. 

Onderzoek ondersteuningsbehoefte

Het bevoegd gezag (schoolbestuur) van de school van aanmelding moet na de aanmelding beoordelen of de leerling extra ondersteuning nodig heeft. De school kan daarbij gebruik maken van:

  • informatie van de ouders over de eventuele beperkingen die het kind heeft in zijn deelname aan het onderwijs;
  • het onderwijskundig rapport. Op de themapagina over het onderwijskundig rapport vindt u meer informatie;
  • aanvullend onderzoek of aanvullende informatie van de basisschool, om vast te stellen welke specifieke zorg- of ondersteuningsbehoefte de leerling heeft.

Wanneer de school de ondersteuningsbehoefte van de leerling onderzocht heeft, maar toch onvoldoende informatie heeft en ouders geen relevante informatie willen verstrekken, dan kan de school besluiten om de aanmelding niet te behandelen.  

Onderzoek ondersteuningsmogelijkheden van de school

Als de ondersteuningsbehoefte van de leerling voldoende is vastgesteld, moet de school vervolgens onderzoeken of zij zelf door middel van doeltreffende aanpassingen de benodigde ondersteuning kan bieden. De school is hiertoe verplicht op grond van de Wet gelijke behandeling op grond van handicap of chronische ziekte (WGBH/CZ). De ondersteuningsmogelijkheden van de school staan beschreven in het schoolondersteuningsprofiel en vaak ook in de schoolgids. Bij het onderzoek naar de ondersteuningsmogelijkheden moet de school ook de mogelijkheden vanuit het samenwerkingsverband betrekken.
De verplichting tot het verrichten van doeltreffende aanpassingen geldt niet wanneer deze voor de school onevenredig belastend zijn. Daarbij kan de financiële draagkracht van de school of het belang van andere leerlingen een rol spelen.

Zorgplicht

Met de invoering van passend onderwijs heeft de school een zorgplicht gekregen. Dit houdt in dat de school van aanmelding ervoor zorgt dat de leerling een passende onderwijsplek krijgt. De zorgplicht betekent dat wanneer de school van aanmelding tot de conclusie komt dat zij zelf niet de benodigde ondersteuning kan bieden, zij op zoek moet naar een andere school, die wel een passend onderwijs- en/of ondersteuningsaanbod voor de leerling heeft en bereid is de leerling aan te nemen.

Bij het zoeken naar een andere school worden de schoolondersteuningsprofielen van de andere scholen in het samenwerkingsverband (en soms ook daarbuiten) betrokken. De school maakt een afweging welk ondersteuningsprofiel past bij de ondersteuningsbehoefte van de leerling. Hierbij overlegt de school met de ouders.

Wanneer geldt de zorgplicht niet?

De zorgplicht geldt in een aantal gevallen niet:

  • Als op de school waar de leerling is aangemeld geen plek is. Van die school wordt wel verwacht dat het toelatingsbeleid consistent en transparant is. Er mag geen onderscheid worden gemaakt tussen leerlingen met en zonder extra ondersteuningsbehoefte. Als de school een wachtlijst hanteert gaat de zorgplicht pas gelden op het moment dat de leerling aan de beurt is. Bij loting gaat de zorgplicht pas gelden als de leerling die extra ondersteuning nodig heeft, ingeloot wordt.
  • Als de ouders weigeren de grondslag van de school te onderschrijven. De leerling wordt dan geweigerd om andere redenen dan zijn ondersteuningsbehoefte.
  • Als de leerling niet voldoet aan de aanvullende voorwaarden voor toelating van de school voor voortgezet onderwijs, bijvoorbeeld als de school een specifiek profiel heeft waarvoor specifieke kennis of vaardigheden nodig zijn, zoals tweetalig onderwijs.
  • Als een leerling wordt aangemeld bij een (v)so-instelling van cluster 1 of 2. Deze instellingen maken geen deel uit van de samenwerkingsverbanden passend onderwijs. Zij kennen een eigen toelatingsprocedure.

Besluit over aanmelding binnen zes weken

Het schoolbestuur neemt binnen zes weken na ontvangst van de aanmelding een beslissing over de toelating van de leerling. Uitstel van deze beslissing mag niet langer dan vier weken duren. Als het schoolbestuur na tien weken nog geen beslissing over de toelating heeft genomen en de leerling niet is ingeschreven op een andere school, dan dient de leerling op de school van aanmelding tijdelijk te worden geplaatst en te worden ingeschreven.

Bezwaar bij schoolbestuur

Ouders kunnen binnen zes weken schriftelijk bezwaar maken bij het schoolbestuur tegen het besluit de leerling niet toe te laten. Het schoolbestuur moet binnen vier weken beslissen op dat bezwaar. Als ouders naast het bezwaar ook een geschil hebben voorgelegd aan de Geschillencommissie passend onderwijs, neemt het schoolbestuur pas een beslissing op bezwaar nadat de Commissie een oordeel heeft uitgesproken.

Geschillencommissie passend onderwijs (GPO)

Als ouders het niet eens zijn met de beslissing van het schoolbestuur om hun kind niet toe te laten, dan kunnen zij een geschil voorleggen aan de Geschillencommissie passend onderwijs (GPO). De GPO behandelt ook geschillen over toelating tot een instelling voor cluster 1 of 2, hoewel deze instellingen geen deel uit maken van passend onderwijs.
Als ouders daarnaast ook bij het schoolbestuur bezwaar hebben gemaakt tegen het besluit om de leerling niet toe te laten, moet het schoolbestuur wachten met zijn beslissing op bezwaar, tot hij het oordeel van de GPO heeft ontvangen.

Procedure Geschillencommissie passend onderwijs

Het verzoek om een geschil in behandeling te nemen moet volgens het reglement van de Commissie worden ingediend binnen zes weken na de beslissing van de school dat de leerling niet wordt toegelaten. De Commissie geeft binnen tien weken een oordeel over het geschil. De Commissie is zo samengesteld dat zij beschikt over (ortho)pedagogische, psychologische, onderwijskundige, maatschappelijke, bestuurlijke, juridische en medische deskundigheid. De Commissie brengt een advies uit dat niet bindend is voor het schoolbestuur. Maar het advies weegt wel zwaar. Het bestuur moet schriftelijk aan de ouders en aan de Commissie meedelen wat er met het oordeel wordt gedaan. Als het advies van de Commissie niet wordt gevolgd moet daarbij de reden worden vermeld. De Commissie is laagdrempelig. Zo kan bijvoorbeeld via internet een geschil worden ingediend, is het inschakelen van een advocaat niet vereist en zijn er geen proceskosten aan verbonden.

Adviezen GPO

Hoe oordeelt de GPO in toelatingsgeschillen? Hieronder vindt u enkele belangrijke lijnen in de adviezen van de GPO.

School van aanmelding

  • De onderzoeksplicht naar de ondersteuningsbehoefte van de leerling ligt bij de school van aanmelding, die de zorgplicht heeft (108913107871).
  • De zorgplicht voor het vinden van een andere passende school rust op de school van aanmelding, ook als de leerling nog staat ingeschreven bij een andere school (109258108363107766).
  • Het afspreken van een proefplaatsing van de leerling wordt aangemerkt als een aanmelding van de leerling, ook als de school het zelf niet als zodanig aanmerkt. Van de school wordt dan verwacht volgens de verplichtingen van passend onderwijs te handelen. Een proefplaatsing of observatie mag niet worden gebruikt om de zorgplicht te omzeilen (107070106669, 107026) en kan alleen onder strikte voorwaarden (107516).
  • Een school voor praktijkonderwijs moet na aanmelding van een leerling bij het samenwerkingsverband een toelaatbaarheidsverklaring (tlv) aanvragen. De school mag niet zelf oordelen over de toelaatbaarheidscriteria (109390, 108805).

Informatieverstrekking door ouders

  • Van ouders wordt verwacht dat zij relevante informatie over de ondersteuningsbehoefte van de leerling verstrekken (108771107926106807).
  • Als ouders geen relevante informatie willen verstrekken, kan dat tot gevolg hebben dat de school niet in staat is om de ondersteuningsbehoefte van de leerling vast te stellen en dus ook niet om te beoordelen of de school de benodigde ondersteuning kan bieden. Dat kan ertoe leiden dat de school mag weigeren om de leerling toe te laten. Vanwege het gebrek aan inzicht in de ondersteuningsbehoefte kan van de school dan niet worden verwacht dat zij een andere school voor de leerling vindt en uitvoering geeft aan de zorgplicht (106807). De school moet ouders wel in de gelegenheid stellen om alsnog de benodigde informatie te verstrekken (1082411).

Onderzoek naar ondersteuningsbehoefte en ondersteuningsmogelijkheden

  • Er moet gedegen onderzoek naar de ondersteuningsbehoefte van de leerling plaatsvinden (o.m. 2021004984, 2021006106, 109268108818108771108363, 108220, 107682, 107538).
  • Een school moet goed motiveren waarom zij niet in de ondersteuningsbehoefte van de leerling kan voorzien (2021007888108913, 108818, 107926).
  • Het schooladvies van de basisschool is leidend voor plaatsing op een niveau van onderwijs, maar de school van aanmelding mag wel onderzoek doen naar de ondersteuningsbehoefte van de leerling om vast te stellen of zij in de ondersteuningsbehoefte kan voorzien (106772).
  • Een school voor voortgezet onderwijs mag de informatie gebruiken die de basisschool van de leerling aanlevert en hoeft niet perse eigen onderzoek te initiëren om te beoordelen of zij kan voorzien in de ondersteuningsbehoefte (109258). Maar als uit de stukken van de basisschool blijkt dat verschillende vormen van vervolgonderwijs passend kunnen zijn, moet de vo-school de verschillende mogelijkheden onderzoeken (2021003565).
  • Bij het onderzoek naar de ondersteuningsmogelijkheden van de school dienen mogelijkheden tot ondersteuning of financiering, ook die vanuit het samenwerkingsverband, te worden betrokken (o.m. 2021004984108913107926).

Zoeken naar andere school

  • Voordat de school een leerling mag weigeren omdat zij niet in de ondersteuningsbehoefte van de leerling kan voorzien, moet er een andere school bereid zijn deze leerling aan te nemen (2021007888, 109337108835). Deze bereidheid moet blijken uit een schriftelijke verklaring en ook moet er over deze andere school overleg met de ouders zijn gevoerd (106822107835, 107793, 107697). 
  • Er moet ook plaats voor de leerling op de andere school zijn (108622).
  • Als de school 10 weken na de aanmelding nog geen andere school heeft gevonden, moet zij de leerling tijdelijk inschrijven (108897).
  • Als de andere school, die bereid is de leerling op te nemen, niet de gewenste denominatie heeft, kan dat de school niet worden verweten. Het recht op onderwijs in een bepaalde richting gaat niet voor het belang van het kind, als de andere school wel in de ondersteuningsbehoefte van de leerling kan voorzien (108898).
  • Wanneer de ouders geen medewerking verlenen en blijven weigeren het gesprek aan te gaan over een andere school, dan is het voor de school van aanmelding moeilijk om uitvoering te geven aan de zorgplicht en (in beginsel) eindigt de zorgplicht dan. Dit neemt niet weg dat van de school in een dergelijke situatie wel wordt verwacht dat zij bij de alternatieve school verifieert of die plek heeft en in beginsel bereid is de leerling aan te nemen (107400, 107287).
  • Ook wordt van de school van aanmelding verwacht dat zij de ouders erop wijst dat wanneer zij niet bereid zijn om alsnog met de school in gesprek te gaan over een andere school, er geen invulling kan geven aan de zorgplicht en de zorgplicht dan (op een gegeven moment) ophoudt (107287).

Geen plaats op school

  • Wanneer een school aangeeft dat er geen plek voor de aangemelde leerling is, dan wordt wel van die school verwacht dat de toelatingsprocedure inzichtelijk is. De school dient een consequent en transparant toelatingsbeleid te voeren (2021007888109057). Ook wanneer een school een wachtlijst hanteert, dient de school inzichtelijk te maken welk beleid wordt gevoerd ten aanzien van de plaatsing van de kinderen die op de wachtlijst staan. Op het moment dat de leerling aan de beurt is, en het betreft een leerling met een extra ondersteuningsbehoefte, dan gaat de zorgplicht gelden (107293).
  • Een school mag niet in haar schoolondersteuningsprofiel opnemen dat een leerling met extra ondersteuningsbehoefte niet wordt geplaatst in een groep waarin al twee leerlingen een arrangement hebben. Een dergelijk kwantitatief criterium verdraagt zich niet met de uitgangspunten van het passend onderwijs (2021007888).

U vindt hier alle adviezen van de GPO over toelating.

Deze themapagina is voor het laatst herzien in oktober 2021.