Beroep tegen berisping; BVE
Samenvatting
De werknemer was in zijn functie van docent voornamelijk belast met stagebegeleiding. Na een periode van arbeidsongeschiktheid heeft de werkgever hem meegedeeld dat hij zijn taken van voorheen niet meer hoefde te verrichten. In een gesprek heeft de werkgever onder meer de afwezigheid van de werknemer aan de orde gesteld. Na het gesprek heeft de werknemer de school verlaten en ook de dag erna is hij niet op school verschenen. Daarop heeft de werkgever de disciplinaire maatregel van een schriftelijke berisping opgelegd. De werknemer stelt dat hij gerechtigd was om niet te verschijnen omdat de werkgever hem geen zinvolle werkzaamheden opdroeg. Dit is onvoldoende aannemelijk omdat aan de werknemer opdracht was gegeven om lessen anatomie en pathologie voor te bereiden en te gaan geven. De werkgever heeft de afwezigheid redelijkerwijs als ongeoorloofd kunnen aanmerken. De berisping is proportioneel. Beroep ongegrond.
Trefwoorden
berisping als disciplinaire maatregel, plichtsverzuim
Organisatie
Zaakbehandeling
Contact
Inschrijven nieuwsbrief
Blijf op de hoogte van de laatste uitspraken en adviezen van de commissies van Onderwijsgeschillen
Trefwoorden
berisping als disciplinaire maatregel, plichtsverzuim