Datum uitspraak: 17-02-2012
Nummer uitspraak: 105166
Type: Uitspraken Onderwijsgeschillen
Samenvatting 

Werkneemster, docent in de bovenbouw havo/vwo, is sinds 2008 arbeidsongeschikt en ontvangt vanaf april 2010 een WGA-uitkering van 80,51%. Het UWV acht haar ongeschikt voor de maatgevende arbeid. De werkgever tracht werkneemster na april 2010 op school te re-integreren in de onderbouw, maar wanneer dit opnieuw tot uitval leidt, gaat hij over tot ontslag. De belangrijkste grief van de werknemer is dat de werkgever onvoldoende re-integratieinspanningen heeft verricht, overigens zonder daarbij duidelijk te maken op welke periode dit verwijt zich richt. Wat de periode vóór de toekenning van de WGA-uitkering betreft is niet gebleken dat het UWV een sanctie heeft opgelegd aan de werkgever voor zijn begeleidings- en re-integratieinspanningen gedurende de eerste 104 weken arbeidsongeschiktheid van appellante. Voorts is niet aangevoerd of gebleken dat de werknemer bezwaar heeft ingediend tegen de WGA-beslissing. Wat de periode na de eerste twee ziektejaren betreft, heeft de werkgever de werkneemster laten re-integreren in de onderbouw. Met het inroosteren van de werkneemster voor de gewenste werkzaamheden in de bovenbouw kan, als gevolg van haar arbeidsongeschiktheid en haar historisch langdurig en veelvuldig verzuim, de continuïteit onvoldoende worden gewaarborgd. De beleidskeuze om de werkneemster hiervoor niet in te roosteren is alleszins redelijk. Beroep ongegrond.