Beroep tegen ontslag wegens dringende reden, subsidiair wegens andere redenen van gewichtige aard; BVE
Samenvatting
De werkgever kocht stageplaatsen in bij de fietsenwinkel van werknemer, die de bij hem geplaatste leerlingen begeleidde in zijn functie van instructeur. Sinds augustus 2012 werden er geen leerlingen meer in de fietsenwinkel geplaatst vanwege bedrijfseconomische redenen. De werkgever biedt de werknemer werk op de instelling aan maar de werknemer weigert dit.
Niet is voldaan aan de voor een rechtsgeldig ontslag wegens een dringende reden gestelde eis van onverwijldheid omdat het reeds lange tijd bekend was bij de werkgever dat de werknemer in zijn fietsenwinkel wilde blijven werken. Ook het in acht nemen van de verweerprocedure en van een opzegtermijn verhoudt zich niet met de aard van de dringende reden.
De subsidiaire ontslaggrond houdt wel stand. Werknemer heeft reeds ruim een jaar geen feitelijke invulling aan de arbeidsovereenkomst gegeven. De werkgever heeft de werknemer aangeboden de functie van instructeur te gaan verrichten op één van de andere locaties van het roc. Werknemer is hier echter niet op ingegaan; evenmin heeft hij aangegeven welke functie wel passend zou kunnen zijn dan wel anderszins actie ondernomen om zijn recht op werk af te dwingen. Onder deze omstandigheden is sprake van een gewichtige reden. Het beroep van de werknemer op het opzegverbod wegens ziekte slaagt niet omdat de ziekmelding na het voornemen tot opzegging heeft plaatsgevonden. Beroep ongegrond.
Trefwoorden
ontslag wegens dringende reden, plichtsverzuim
Organisatie
Zaakbehandeling
Contact
Inschrijven nieuwsbrief
Blijf op de hoogte van de laatste uitspraken en adviezen van de commissies van Onderwijsgeschillen
Trefwoorden
ontslag wegens dringende reden, plichtsverzuim