Beroep tegen schorsing HBO
Samenvatting
Werknemer is coördinator van 2 opleidingen, en is door de werkgever van al haar taken ontheven in verband met een gestelde verstoorde relatie tussen werknemer en het front-office en het aanleveren van een verkeerd tentamen. De werkgever betwist dat de ontheffing van taken een disciplinair karakter heeft; hij beoogde een tijdelijke maatregel op te leggen in het belang van de organisatie en de studenten. De Commissie oordeelt dat er feitelijk sprake is van een schorsing. De schorsing heeft een disciplinair karakter omdat deze is opgelegd als reactie op het als ongewenst beoordeeld gedrag. Tegen de schorsing staat beroep open. De werkgever heeft verzuimd de voornemen-procedure van de CAO-HBO te volgen; voorts is de in art. P-1 lid 4 CAO-HBO genoemde termijn van schorsing overschreden. Beroep gegrond.
Trefwoorden
plichtsverzuim, schorsing werknemer als disciplinaire maatregel
Organisatie
Zaakbehandeling
Contact
Inschrijven nieuwsbrief
Blijf op de hoogte van de laatste uitspraken en adviezen van de commissies van Onderwijsgeschillen
Trefwoorden
plichtsverzuim, schorsing werknemer als disciplinaire maatregel