Beroep tegen schorsingen als ordemaatregel gegrond vanwege niet volgen verweerprocedure respectievelijk gebrek aan noodzaak. (zie ook 109616)

Publicatiedatum:

Commissie: Commissie van beroep funderend onderwijs

Sector: Voortgezet onderwijs

Zaaknummer: 109615/109696

Download uitspraak (521,9 KB)

Open met leeshulp

Samenvatting

Situatie
De werknemer is teamleider. Na een onderzoek door een extern bureau over de samenwerking binnen het team, ontheft de werkgever de werknemer uit haar functie. De werknemer merkt dit aan als een besluit tot schorsing en gaat daartegen in beroep.
Nadat de werknemer daar kennis van heeft genomen, legt de werkgever de werknemer een schorsing als ordemaatregel op.

Uitspraak van de Commissie
De beroepen tegen de twee schorsingen zijn gegrond.

Toelichting
De werkgever heeft de werknemer ontheven uit haar functie, zonder haar andere werkzaamheden op te leggen. Daarmee is feitelijk sprake van een door de werkgever dwingend opgelegde vrijstelling van werkzaamheden, wat aangemerkt wordt als schorsing. Omdat de werkgever de verweerprocedure uit de cao niet heeft gevolgd, houdt de schorsing geen stand.
Bij de tweede schorsing heeft de werkgever de formaliteiten wel in acht genomen. Deze schorsing kan echter niet in stand blijven omdat de werkgever onvoldoende heeft gemotiveerd waarom de problemen die in het team spelen niet op een andere manier dan door schorsing opgelost zouden kunnen worden. 

Trefwoorden

schorsing werknemer als ordemaatregel

Bezoekadres

Gebouw Woudstede
Zwarte Woud 2
3524 SJ Utrecht
Route

Volg ons
Contact
Inschrijven nieuwsbrief

Blijf op de hoogte van de laatste uitspraken en adviezen van de commissies van Onderwijsgeschillen

Trefwoorden

schorsing werknemer als ordemaatregel