De berisping wegens grensoverschrijdend gedrag houdt geen stand omdat het daaraan ten grondslag gelegde schofferen van een leidinggevende, niet is komen vast te staan.

Publicatiedatum:

Commissie: Voormalige Commissie van Beroep PO, VO, BVE en HBO (tot 1 jan. 2017)

Sector: Middelbaar beroepsonderwijs

Zaaknummer: 107326

Download uitspraak (354,2 KB)

Open met leeshulp

Samenvatting

Situatie 
De werknemer zou haar leidinggevende hebben geschoffeerd in het bijzijn en op gehoorafstand van collega's en leerlingen. De werknemer betwist dit maar erkent wel duidelijk te hebben gemaakt aan de leidinggevende dat zij niet gecommandeerd wenste te worden. De werknemer en de leidinggevende hebben na afloop van het gesprek een klacht tegen elkaar ingediend bij de ombudsman van het ROC. Insteek van het bewuste gesprek was het bespreken van de werkzaamheden van de werknemer die tekenen van een burn-out vertoonde en inmiddels volledig arbeidsongeschikt is en onder behandeling van een psychiater is.

Uitspraak van de Commissie 
Het beroep is gegrond.

Toelichting
Niet is vast te stellen dat de werknemer zich grensoverschrijdend heeft gedragen en dus plichtsverzuim gepleegd zou hebben. Daarom ontbreekt de feitelijke grondslag voor het opleggen van een disciplinaire maatregel. De Commissie merkt daarbij op dat, zo er al sprake zou zijn van plichtsverzuim, zij het opleggen van een berisping, gezien de omstandigheden, niet effectief en proportioneel acht.

Trefwoorden

berisping als disciplinaire maatregel, plichtsverzuim

Bezoekadres

Gebouw Woudstede
Zwarte Woud 2
3524 SJ Utrecht
Route

Volg ons
Contact
Inschrijven nieuwsbrief

Blijf op de hoogte van de laatste uitspraken en adviezen van de commissies van Onderwijsgeschillen

Trefwoorden

berisping als disciplinaire maatregel, plichtsverzuim