Datum uitspraak: 26-10-2016
Nummer uitspraak: 107289
Type: Uitspraken Onderwijsgeschillen
Sector: Middelbaar beroepsonderwijs
Samenvatting 

Situatie
De werknemer is, met onderbrekingen, geruime tijd ziek. Hij heeft een aanvullende arbeidsongeschiktheidsverzekering. Voordat de wachttijd verstreken is, verzoekt hij om ontslag uit een deel van de betrekking. Hij verzoekt dit mede in verband met aanspraken op de aanvullende verzekering. De werkgever honoreert dit verzoek. Wanneer zijn verzekeraar hem erop wijst dat hij aanspraak kan maken op een aanvulling van zijn inkomen door de werkgever, dient de werknemer een verzoek hiertoe op grond van artikel 5.5 cao mbo bij de werkgever in. De werkgever wijst dit verzoek af.

Uitspraak van de Commissie
De werkgever heeft artikel 5.5 cao mbo niet juist toegepast door de werknemer de compensatie genoemd in dit artikel niet toe te kennen.

Toelichting
De werkgever heeft niet onderbouwd dat de functie van de werknemer voor 0,7 fte niet passend zou zijn. Dit had wel op de weg van de werkgever gelegen gezien het rapport van de  arbeidsdeskundige. Voorts is de werknemer na aanpassing van zijn arbeidsovereenkomst niet meer opgeroepen door de bedrijfsarts en niet is gebleken dat de werknemer niet zou voldoen in de aangepaste betrekking. De werknemer is dus in een passende functie herplaatst.
De aanpassing van de arbeidsovereenkomst is niet eenzijdig bewerkstelligd, maar is op verzoek van de werkgever en in onderling overleg tussen werkgever en werknemer tot stand gekomen, waarbij de werkgever heeft aangegeven op welke wijze dit juridisch vormgegeven zou moeten worden. De werknemer werkt tegen een lager loon, omdat hij als gevolg van zijn arbeidsongeschiktheid minder uren werkt. Dat de loonwaarde ongewijzigd is gebleven, is op grond van de cao mbo niet van belang voor de compensatie van artikel 5.5.

 

Trefwoorden: