Datum uitspraak: 24-06-2014
Nummer uitspraak: 106167
Type: Uitspraken Onderwijsgeschillen
Samenvatting 

De werkgever heeft een korting op het salaris van 30% over het verleende ziekteverlof toegepast. De werknemer stelt op grond van artikel 6 ZAR-BVE aanspraak te hebben op 100% salaris omdat de ziekte zijn grond vindt in de opgedragen werkzaamheden. Hij vond de groepen waaraan hij moest lesgeven te groot en had de indruk dat de werkgever extra begeleiding niet noodzakelijk vond en dat hij telkens zelf moest vragen om deze begeleiding.
Voor de toepassing van artikel 6 lid 1 ZAR-BVE geldt dat naarmate de arbeidsongeschiktheid in sterkere mate van psychische aard is, in meerdere mate sprake moet zijn van factoren die in verhouding tot het werk of de omstandigheden, waaronder het werk moet worden verricht, objectief bezien een buitensporig karakter dragen. De door de werknemer aangevoerde omstandigheden kunnen in dit licht bezien niet de conclusie rechtvaardigen dat er sprake was van -objectief bezien- buitensporige omstandigheden. Aldus heeft de werkgever in redelijkheid het standpunt kunnen innemen dat de ziekte van de werknemer niet in overwegende mate zijn grond vindt in de aan hem opgedragen werkzaamheden of de bijzondere omstandigheden waaronder deze moesten worden verricht. De werkgever heeft niet een onjuiste toepassing gegeven aan artikel 6 ZAR-BVE.

Trefwoorden: