Datum uitspraak: 08-04-2019
Nummer uitspraak: 108603
Type: Uitspraken Onderwijsgeschillen
Sector: Primair onderwijs
Samenvatting 

Situatie 
Een leerling met het syndroom van Down volgt vier jaar in groep 1-2 regulier basisonderwijs. Door een medische behandeling is zij tussentijds ruim een jaar niet op school geweest. De school besluit de leerling te verwijderen en verwijst naar een school voor speciaal onderwijs. Onder verwijzing naar het recht op inclusief onderwijs vraagt de moeder van de leerling de Commissie om een oordeel. 

Advies van de Commissie
Het verzoek is ongegrond.

Toelichting
De school heeft de leerling intensieve één-op-één-begeleiding geboden en gebruik gemaakt van speciaal voor de leerling ingezette methodes. De ingezette ondersteuning is vergelijkbaar met deze die in het speciaal onderwijs wordt geboden. Ondanks deze intensieve ondersteuning laat de leerling in de groep onvoldoende ontwikkeling zien en vindt onvoldoende aansluiting bij haar klasgenoten plaats. Van de school kan niet langer verwacht worden nog intensievere begeleiding te bieden. Er is een school voor speciaal onderwijs gevonden. De daarvoor vereiste toelaatbaarheidsverklaring is toegekend. Daarmee heeft de school voldaan aan de zorgplicht. De gelijkebehandelingswetgeving biedt geen onbegrensd recht op regulier basisonderwijs. Artikel 24 van het VN-verdrag levert geen onmiddellijk en afdwingbaar recht op van burgers jegens een schoolbestuur. De verwijderingsbeslissing is redelijk.