Datum uitspraak: 22-06-2022
Nummer uitspraak: 2022018811
Type: Uitspraken Onderwijsgeschillen
Sector: Primair onderwijs
Samenvatting 

Situatie 
Een leerling vertelt op school aan de leerkracht dat haar stiefvader haar slaat en dat ze zich bedreigd voelt. De leerling wil hierover met haar (stief)ouders in gesprek in het bijzijn van de leerkracht en de intern begeleider van de school. De (stief)ouders willen eerst afzonderlijk een gesprek met de school. Er volgen twee gesprekken, maar daarin komt het niet tot een inhoudelijk gesprek over het welbevinden van de leerling. Uiteindelijk gaat de school over tot een melding bij Veilig Thuis. Een dag eerder hebben de stief(ouders) een melding bij Veilig Thuis gedaan over de biologische vader van de leerling.
Uiteindelijk gaat de school over tot een melding bij Veilig Thuis. Een dag eerder hebben de stief(ouders) een melding bij Veilig Thuis gedaan over de biologische vader van de leerling.
De (stief)ouders dienen een klacht in tegen de leerkracht, de intern begeleider, de directeur en het bestuur. Zij klagen over de melding die de school heeft gedaan bij Veilig Thuis. Daarnaast verwijten zij de leerkracht onder meer dat zij op onprofessionele wijze met de leerling heeft gesproken over het vermeende slaan door de stiefvader en over dat zij de zorgen niet met (stief)ouders heeft gedeeld. Verder klagen de ouders over een niet neutrale houding van de leerkracht en de intern begeleider. Ook menen zij dat de intern begeleider en de directeur onvoldoende hebben gedaan om het vertrouwen te herstellen. Zij verwijten de directeur dat hij met name de moeder onheus heeft bejegend. Daarnaast verwijten zij het bestuur dat het niet corrigerend heeft opgetreden richting de school. En dat er op een korte reactie na geen contact met hen is opgenomen.

Advies van de Commissie 
De klacht over de melding Veilig Thuis is gegrond voor wat betreft het niet vooraf op de hoogte stellen van (stief)ouders over het voornemen tot het doen van een melding. Voor het overige is de klacht over de melding bij Veilig Thuis ongegrond.
De klacht over dat de leerkracht niet heeft gemeld dat de leerling niet op school was verschenen is gegrond. Voor het overige is de klacht over de leerkracht ongegrond.
De klacht over de intern begeleider is ongegrond.
De klacht over het door de directeur op onheuse wijze communiceren met (stief)ouders, met name moeder, is gegrond. Voor het overige is de klacht ongegrond.  
De klacht over het geen contact opnemen met (stief)ouders door het bestuur is gegrond. Voor het overige is de klacht ongegrond.  

Toelichting
Het behoort tot de bevoegdheid van een school om een melding te doen bij Veilig Thuis als de school zorgen heeft over de situatie van een leerling. De Commissie beoordeelt of de melding deugdelijk is onderbouwd en of de gevolgde procedure zorgvuldig is geweest. De Commissie neemt voor de beoordeling de stappen uit de meldcode huiselijk geweld en kindermishandeling als uitgangspunt.
Na de mededeling van de leerling dat zij door haar (stief)vader werd geslagen en zich bedreigd voelde, hebben er gesprekken plaatsgevonden met de (stief)ouders. Dit waren moeizame gesprekken waarin het welbevinden van de leerling onvoldoende is besproken. Gelet op de signalen die de school had gekregen van de leerling en de omstandigheden, zoals het door (stief)ouders afhouden van een inhoudelijk gesprek over het welzijn van de leerling, heeft de school in redelijkheid kunnen besluiten een melding te doen bij Veilig Thuis. Op grond van het afwegingskader moet de school als zij inschat dat er sprake is van kindermishandeling of hierover twijfelt, een melding doen. De Commissie oordeelt de klacht over de melding bij Veilig Thuis in zoverre ongegrond.    

De Commissie is wel van oordeel dat de school (stief)ouders had moeten informeren over het voornemen om een melding bij Veilig Thuis te doen. In zoverre is de klacht gegrond. 

Het is de Commissie niet gebleken dat de leerkracht op onprofessionele wijze met de leerling heeft gesproken. De directeur had wel op het moment in het gesprek dat de moeder geëmotioneerd raakte moeten stoppen met doorvragen over het ouderlijk gezag van de biologische vader. 

Na de brief van (stief)ouders aan het bestuur heeft het bestuurslid de volgende dag kort op de brief gereageerd. Het bestuur had vanuit zijn verantwoordelijkheid met (stief)ouders in gesprek moeten gaan om hun kant van het verhaal te horen en om mogelijk partijen weer nader tot elkaar te brengen.