Verzoek om opheffing van het besluit tot schorsing als voorlopige voorziening afgewezen: er lijkt geen sprake te zijn van schorsing waartegen beroep bij de Commissie openstaat.
Samenvatting
Situatie
Na klachten over het functioneren van de werknemer besluit de werkgever dat de werknemer geen lessen Engels meer mag geven. De werknemer stelt dat sprake is van een disciplinaire schorsing. De werkgever geeft aan dat de werknemer gedeeltelijk andere passende werkzaamheden verricht en dat geen sprake is van een (disciplinaire) schorsing.
Uitspraak van de Voorzitter
De Voorzitter wijst het verzoek om een voorlopige voorziening af.
Toelichting
De werkgever heeft de werknemer niet uit haar functie van docent ontheven. Hoewel zij geen lessen Engels meer mag geven, heeft zij andere werkzaamheden op hetzelfde functieniveau opgedragen gekregen. Daarmee is feitelijk geen sprake van een schorsing.
Ook verder blijkt niet dat de werkgever de werknemer een disciplinaire maatregel heeft opgelegd. Er lijkt eerder sprake te zijn van een functioneringsproblematiek. De Voorzitter ziet voldoende aanknopingspunten om aan te nemen dat de Commissie het beroep in de hoofdzaak niet-ontvankelijk zal verklaren en wijst het verzoek daarom af.
Trefwoorden
schorsing werknemer als disciplinaire maatregel, voorlopige voorziening
Organisatie
Zaakbehandeling
Contact
Inschrijven nieuwsbrief
Blijf op de hoogte van de laatste uitspraken en adviezen van de commissies van Onderwijsgeschillen
Trefwoorden
schorsing werknemer als disciplinaire maatregel, voorlopige voorziening