Nieuws
Uitspraak Commissie van beroep hbo over schorsing docent vanwege grensoverschrijdend gedrag

De Commissie van beroep hbo deed op 13 november 2024 uitspraak over een schorsing van een werknemer als ordemaatregel. Over de werknemer waren meldingen gedaan over grensoverschrijdend gedrag. De werknemer is het niet eens met het schorsingsbesluit en stelt beroep in bij de Commissie. De Commissie oordeelt dat de werkgever de werknemer mocht schorsen om nader onderzoek in te stellen.
Wat was de situatie?
Een instelling voor hoger onderwijs krijgt van twee studenten verschillende meldingen over seksueel grensoverschrijdend gedrag van een werknemer. Een studiejaar eerder had de instelling ook al klachten gekregen van andere studenten over zijn gedrag. De instelling heeft de werknemer geschorst om onderzoek te doen naar de meldingen.
De werknemer is het hier niet mee eens. Volgens hem is er geen sprake van seksueel grensoverschrijdend gedrag en gaat de instelling zonder enig bewijs hiervoor over tot het instellen van een onderzoek. Daarmee neemt de instelling volgens hem direct aan dat hij zich schuldig heeft gemaakt aan grensoverschrijdend gedrag. De werknemer vindt dat de werkgever onvoldoende de tijd heeft genomen voor wederhoor. Ook vindt hij dat de werkgever in strijd met de eigen handleiding handelt, door de namen van de melders niet aan hem bekend te maken. De werknemer vermoedt dat hij over één van de melders bij de examencommissie een melding heeft gedaan van fraude.
Tot slot is er volgens de werknemer ook geen noodzaak om hem te schorsen.
Beoordeling door de Commissie
De Commissie van beroep hbo beoordeelt of de werkgever de procedure voor het opleggen van een schorsing correct heeft gevolgd en of de werkgever het schorsingsbesluit in redelijkheid heeft kunnen nemen. De Commissie geeft geen oordeel over het gedrag of het functioneren van de werknemer. Daartoe is deze Commissie niet bevoegd.
De Commissie oordeelt dat het beroep ongegrond is. De werkgever heeft de juiste procedure gevolgd en de werknemer heeft voldoende gelegenheid gekregen om zijn visie te geven.
Verder is de Commissie van oordeel dat, gelet op de voorgeschiedenis, het besluit om de werknemer te schorsen gedurende het onderzoek, niet onredelijk is geweest.
De werkgever heeft in 2,5 jaar tijd meerdere signalen ontvangen van studenten over ongepaste opmerkingen en ongewenste aanrakingen van de werknemer. Daarop heeft de werkgever de werknemer eerder aangesproken op grensoverschrijdend gedrag en met hem afspraken gemaakt.
Na de nieuwe meldingen wilde de werkgever uitzoeken wat er aan de hand was. De instelling heeft de wens van de studenten om anoniem te blijven gevolgd, maar de situaties waarover is gemeld wel concreet besproken met de werknemer.
De Commissie is het met de werknemer eens dat meldingen over seksueel grensoverschrijdend gedrag een ernstige beschuldiging zijn. Meldingen van deze aard zijn volgens de Commissie een reden te meer om een onderzoek in te laten stellen. Juist door direct een onderzoek in te stellen heeft de werkgever de uiteenlopende perspectieven op de meldingen zorgvuldig willen onderzoeken. Het is begrijpelijk dat de werkgever het niet wenselijk vond dat de werknemer in de tussentijd op de instelling was, zodat iedere betrokkene bij het onderzoek vrijelijk zou kunnen spreken.
De foto boven dit artikel heeft geen betrekking op deze zaak.
Gerelateerd
Meer informatie
Commissies
Organisatie
Zaakbehandeling
Contact
Inschrijven nieuwsbrief
Blijf op de hoogte van de laatste uitspraken en adviezen van de commissies van Onderwijsgeschillen