Beroep tegen berisping gegrond, omdat de feiten die de werkgever aan de berisping ten grondslag heeft gelegd niet zijn komen vast te staan.
Samenvatting
Situatie
Op de school heeft een kluis/locker/tassencontrole van leerlingen plaatsgevonden. Op die dag zijn in de bureaulade in de klas waar de werknemer lesgaf een pakketje sigaretten en een vape gevonden. Aan de werknemer is gevraagd of zij wist aan wie die zaken toebehoorden. De werknemer heeft gezegd dit niet te weten. Nadien heeft een gesprek tussen de werknemer en de werkgever plaatsgevonden. Vervolgens heeft de werkgever de werknemer een schriftelijke berisping opgelegd.
Uitspraak van de Commissie
Het beroep is gegrond.
Toelichting
De werkgever verwijt de werknemer dat zij door haar uitlatingen (impliciet) de leerlingen de mogelijkheid heeft geboden zich te onttrekken aan de tassen/locker/kluiscontrole door het beschikbaar stellen van de bureaulade in het lokaal waar zij lesgaf. De werknemer weerspreekt dit. Tijdens de beroepsprocedure zijn vier verklaringen overgelegd, waarvan er drie in ieder geval niet op eigen waarnemingen berusten. Ook voor de vierde verklaring is dat onduidelijk. De feiten waar de berisping op is gebaseerd, zijn niet voldoende vast komen te staan en daarom heeft de werkgever niet in redelijkheid de berisping kunnen opleggen.
Trefwoorden
berisping als disciplinaire maatregel, plichtsverzuim
Organisatie
Zaakbehandeling
Contact
Inschrijven nieuwsbrief
Blijf op de hoogte van de laatste uitspraken en adviezen van de commissies van Onderwijsgeschillen
Trefwoorden
berisping als disciplinaire maatregel, plichtsverzuim