Beroep tegen disciplinaire schorsing zonder behoud van salaris; BVE
Samenvatting
Werknemer heeft erkend seksueel getinte opmerking te hebben gemaakt, zij het niet gericht tegen een individuele cursiste doch tegen de gehele groep en zonder dat hij op de hoogte was van de seksuele betekenis van het door hem gebezigde woord. Een instructeur behoort niet op een dergelijke wijze met zijn cursisten te communiceren. Dit geldt temeer nu de desbetreffende cursisten minderjarig waren. Commissie concludeert tot plichtsverzuim. Schorsing met inhouding van salaris komt niet voor in de limitatieve opsomming van art. H-43 CAO-BVE van mogelijke disciplinaire maatregelen, zodat de genomen maatregel in strijd is met de CAO-BVE. Ook de Hoge Raad heeft bepaald dat een schorsing in de risicosfeer van de werkgever ligt zodat de werkgever ook tijdens een schorsing verplicht is tot doorbetaling van loon, zelfs indien de werkgever gegronde redenen had om een werknemer te schorsen.
Beroep gegrond.
Trefwoorden
plichtsverzuim, schorsing werknemer als disciplinaire maatregel, seksuele intimidatie/ongewenste intimiteiten
Organisatie
Zaakbehandeling
Contact
Inschrijven nieuwsbrief
Blijf op de hoogte van de laatste uitspraken en adviezen van de commissies van Onderwijsgeschillen
Trefwoorden
plichtsverzuim, schorsing werknemer als disciplinaire maatregel, seksuele intimidatie/ongewenste intimiteiten