Beroep tegen niet voortzetten dienstverband voor bepaalde tijd; HBO
Samenvatting
De werknemer had vanaf 1 februari 2005 een ambtelijke aanstelling en verrichtte op detacheringbasis bij de werkgever projectwerkzaamheden. Met ingang van 1 maart 2008 is hij in dienst getreden bij de werkgever op basis van een arbeidsovereenkomst voor bepaalde tijd. Deze arbeidsovereenkomst is daarna verlengd. De werkgever heeft meegedeeld de arbeidsovereenkomst, vanwege een onvoldoende beoordeling, niet verder te verlengen. De werknemer stelt dat hij inmiddels in vaste dienst is en dat de werkgever hem aldus uit een vast dienstverband heeft ontslagen. Onder "arbeidsovereenkomst" in de zin van artikel 7:667 BW en artikel 7:668a BW wordt geen ambtelijke aanstelling begrepen. Dat betekent dat de arbeidsovereenkomst voor bepaalde tijd met de werkgever niet is aan te merken als een voortzetting van de ambtelijke aanstelling. Derhalve had de werknemer een tijdelijke arbeidsovereenkomst die per 1 augustus 2009 eindigde door het enkele verstrijken van de termijn waarvoor deze was aangegaan. Beroep niet-ontvankelijk.
Trefwoorden
beëindiging tijdelijk dienstverband, niet-ontvankelijk
Organisatie
Zaakbehandeling
Contact
Inschrijven nieuwsbrief
Blijf op de hoogte van de laatste uitspraken en adviezen van de commissies van Onderwijsgeschillen
Trefwoorden
beëindiging tijdelijk dienstverband, niet-ontvankelijk