Beroep tegen opzegging arbeidsovereenkomst voor zover vereist; BVE
Samenvatting
De werknemer is met de werkgever opeenvolgende overeenkomsten van opdracht aangegaan. Na mededeling van de werkgever dat geen voortzetting plaats vindt, beroept de werknemer zich erop dat hij een arbeidsovereenkomst met de werkgever heeft. De werkgever zegt de arbeidsovereenkomst op voor zover vereist en doet dit op grond van het ontbreken van een onderwijsbevoegdheid en wegens terugloop van de formatie. De Commissie toetst de opzegging door de werkgever onder de door de werkgever aangevoerde voorwaarde, dat wil zeggen voor zover middels een gerechtelijke procedure is gebleken dat sprake is van een arbeidsovereenkomst. In de gesloten overeenkomsten is de cao bve niet van toepassing verklaard en partijen zijn ook van mening dat de cao bve niet van toepassing is. De Commissie neemt dit oordeel over mede omdat de werknemer geen lid van een onderwijsvakbond is en voorts omdat op geen enkele andere wijze van toepassing van de cao bve is gebleken. Tussen partijen zijn meer dan drie opeenvolgende arbeidsovereenkomsten gesloten, zodat op grond van artikel 7:668a BW inmiddels sprake is van een dienstverband voor onbepaalde tijd. Het niet voldoen aan de wettelijke benoembaarheidsvereisten levert op zich reeds een voldoende grond op voor ontslag. Het beroep is ongegrond.
Trefwoorden
beëindiging verlengd tijdelijk dienstverband
Organisatie
Zaakbehandeling
Contact
Inschrijven nieuwsbrief
Blijf op de hoogte van de laatste uitspraken en adviezen van de commissies van Onderwijsgeschillen
Trefwoorden
beëindiging verlengd tijdelijk dienstverband