Beroep tegen opzegging verlengd tijdelijk dienstverband; VO
Samenvatting
Werkneemster was onbevoegde zij-instromer en kreeg bij indiensttreding een tijdelijke benoeming wegens eerste indiensttreding (verlengde CAO-VO 1998). Gedurende het eerste tijdelijk contract werd zij bevoegd voor het vak B. Het tijdelijk dienstverband is vervolgens verlengd, volgens de werkgever wegens onbevoegdheid voor het vak V. De werkgever voert aan dat er sprake is van het van rechtswege aflopen tijdelijk dienstverband, waartegen geen beroep open staat. De Commissie oordeelt dat de tijdelijkheid van de tweede arbeidsovereenkomst niet kan gebaseerd worden op onbevoegdheid aangezien de werkneemster inmiddels een onderwijsbevoegdheid bezat. Volgens de Commissie is de tweede arbeidsovereenkomst een verlengd tijdelijk dienstverband bij wijze van proef, met uitzicht op een vast dienstverband (art. 3a.2 lid 4 CAO-VO 2003-2005). Dat dienstverband loopt niet van rechtswege af maar dient met redenen omkleed te worden opgezegd. De opzegging wordt niet gedragen door de daaraan ten grondslag gelegde reden, namelijk het van rechtswege aflopen van het verlengd dienstverband. Het dienstverband is niet rechtsgeldig opgezegd met ingang van 01-08-2004 en kan op grond van de CAO niet een tweede maal worden verlengd. Dus is werkneemster per 01-08-2004 in vaste dienst van de werkgever.
Beroep gegrond.
Trefwoorden
beëindiging verlengd tijdelijk dienstverband
Organisatie
Zaakbehandeling
Contact
Inschrijven nieuwsbrief
Blijf op de hoogte van de laatste uitspraken en adviezen van de commissies van Onderwijsgeschillen
Trefwoorden
beëindiging verlengd tijdelijk dienstverband