Beroep tegen schorsing als ordemaatregel; BVE

Publicatiedatum:

Commissie: Voormalige Commissie van Beroep PO, VO, BVE en HBO (tot 1 jan. 2017)

Zaaknummer: 104481

Download uitspraak (160,1 KB)

Open met leeshulp

Samenvatting

Werkneemster is benoemd in een eerste tijdelijk dienstverband, en is vrijgesteld van werkzaamheden, hetgeen feitelijk neerkomt op een schorsing als ordemaatregel. De werkgever heeft als reden aangevoerd dat werkneemster onvoldoende functioneert. De voornemen-procedure is gevolgd. Nog afgezien van de vraag of werkneemster al dan niet voldoende functioneerde, staat voldoende vast dat werkneemster niet bereid gebleken is om met de werkgever in gesprek te gaan over haar functioneren. Hiermee ondermijnt werkneemster de mogelijkheid van de werkgever om haar te allen tijde aan te spreken op eventuele klachten over haar functioneren en haar, waar nodig, bij te sturen en aldus te trachten tot een verbetering van het functioneren te komen. De hiertoe noodzakelijke gesprekken staan los van een officiële inwerkperiode. De werkgever heeft voldoende aannemelijk gemaakt dat werkneemster de gebruikelijke begeleiding is geboden bij indiensttreding. Door de onbuigzame houding en de kritische opstelling van werkneemster in de onderlinge communicatie acht de Commissie het redelijk dat de werkgever geen vertrouwen meer had in een onbelemmerd functioneren van werkneemster en dat hij haar op deze grond heeft geschorst bij wijze van ordemaatregel, dit in afwachting van het van rechtswege eindigen van het tijdelijk dienstverband. Beroep ongegrond.

Trefwoorden

schorsing werknemer als ordemaatregel

Bezoekadres

Gebouw Woudstede
Zwarte Woud 2
3524 SJ Utrecht
Route

Volg ons
Contact
Inschrijven nieuwsbrief

Blijf op de hoogte van de laatste uitspraken en adviezen van de commissies van Onderwijsgeschillen

Trefwoorden

schorsing werknemer als ordemaatregel