Beroep tegen schorsing als ordemaatregel gegrond, omdat er onvoldoende grond voor de schorsing was.

Publicatiedatum:

Commissie: Commissie van beroep funderend onderwijs

Sector: Primair onderwijs

Zaaknummer: 108550

Download uitspraak (614,0 KB)

Open met leeshulp

Samenvatting

Situatie
De werknemer is in verband met klachten over een intimiderende werksfeer naar huis gestuurd. De werkgever stelt een onderzoek in. Gedurende het onderzoek is de werknemer geschorst bij wijze van ordemaatregel. 

Uitspraak van de Commissie
Het beroep is gegrond.

Toelichting
De werkgever heeft de werknemer zonder haar instemming bijzonder verlof verleend. Pas na ruim twee weken schorst de werkgever haar. Kort voordat de werkgever de werknemer meedeelde dat er klachten over haar zouden zijn, is er onenigheid ontstaan tussen de werknemer en de algemeen adviseur van het bestuur over de vrijwillige afdracht van een deel van het salaris. Hij gaf ook de opdracht tot het doen van onderzoek. Niet gebleken is dat er eerder soortgelijke klachten over de werknemer zijn geuit, terwijl zij een lang dienstverband heeft. Ook zijn er vraagtekens te zetten bij de uitvoering van het onderzoek. Veel van de verklaringen zijn anoniem afgelegd en zien vooral op het functioneren van de directeur, die eveneens is geschorst, en in mindere mate op het functioneren van de werknemer. Dit alles maakt dat de Commissie onvoldoende overtuigd is van de noodzaak de werknemer te schorsen. Daarom heeft de werkgever de werknemer niet in redelijkheid kunnen schorsen.

Trefwoorden

schorsing werknemer als ordemaatregel

Bezoekadres

Gebouw Woudstede
Zwarte Woud 2
3524 SJ Utrecht
Route

Volg ons
Contact
Inschrijven nieuwsbrief

Blijf op de hoogte van de laatste uitspraken en adviezen van de commissies van Onderwijsgeschillen

Trefwoorden

schorsing werknemer als ordemaatregel