Beroep tegen schorsing als ordemaatregel ongegrond. De werkgever mocht de werknemer schorsen voor de duur van de strafrechtelijke vervolging van de werknemer.
Samenvatting
Situatie
De werkgever wordt op enig moment door de hoofdofficier van justitie van het openbaar ministerie op de hoogte gesteld van het feit dat de werknemer door de rechtbank is veroordeeld voor het plegen van ontuchtige handelingen met een minderjarige. Daarbij is meegedeeld dat er hoger beroep is ingesteld tegen het vonnis van de rechtbank en dat dat hoger beroep nog loopt. De werkgever besluit vervolgens de werknemer te schorsen voor de duur van de procedure in hoger beroep.
Uitspraak van de Commissie
Het beroep is ongegrond.
Toelichting
Op grond van de cao kan de werkgever een werknemer schorsen voor de duur van de vervolging wanneer een strafrechtelijke vervolging wegens misdrijf tegen de werknemer is ingesteld. Vanwege het ingestelde hoger beroep loopt het strafproces nog steeds, zodat sprake is van strafrechtelijke vervolging. Gelet op de ernst van het strafbare feit is het begrijpelijk dat de werkgever de werknemer gedurende de procedure in hoger beroep niet wil toelaten op de school. De werkgever heeft voldoende gemotiveerd toegelicht waarom zijn belangen zwaarder wegen dan de belangen van de werknemer. De werkgever heeft dan ook in redelijkheid de werknemer kunnen schorsen.
Trefwoorden
schorsing werknemer als ordemaatregel
Organisatie
Zaakbehandeling
Contact
Inschrijven nieuwsbrief
Blijf op de hoogte van de laatste uitspraken en adviezen van de commissies van Onderwijsgeschillen
Trefwoorden
schorsing werknemer als ordemaatregel