Beroep tegen vermeende schorsing als ordemaatregel niet-ontvankelijk omdat geen sprake is van een schorsing.

Publicatiedatum:

Commissie: Commissie van beroep hbo

Sector: Hoger beroepsonderwijs

Zaaknummer: 109101

Download uitspraak (171,9 KB)

Open met leeshulp

Samenvatting

Situatie
De werkgever vindt dat de werknemer onvoldoende functioneert en legt haar een verbetertraject op. Omdat de werknemer in de ogen van de werkgever te weinig verbeteringen laat zien, deelt de werkgever de werknemer begin december 2019 mee dat zij met ingang van 1 februari 2020 niet meer als docent zal worden ingezet maar dat voor haar andere passende werkzaamheden bij de werkgever worden gezocht. De werknemer merkt dit aan als een schorsing. Onder protest aanvaardt de werknemer per 1 februari 2020 een andere functie bij de werkgever.

Uitspraak van de Commissie
Het beroep is niet-ontvankelijk.

Toelichting
De Commissie oordeelt dat formeel noch feitelijk sprake is van een schorsing. De werknemer mocht haar werkzaamheden tot 1 februari 2020 grotendeels verrichten. Zij is slechts voor een gering deel van haar lesgevende taken vrijgesteld om haar de ruimte te geven om te solliciteren en juridisch advies in te winnen alsook om de stagebegeleiding voor 1 februari 2020 goed te kunnen afronden. Daarmee is feitelijk sprake van een verschuiving binnen het rooster. Omdat geen sprake is van een voor beroep vatbare beslissing is het beroep niet-ontvankelijk.

Trefwoorden

niet-ontvankelijk, schorsing werknemer als ordemaatregel

Bezoekadres

Gebouw Woudstede
Zwarte Woud 2
3524 SJ Utrecht
Route

Volg ons
Contact
Inschrijven nieuwsbrief

Blijf op de hoogte van de laatste uitspraken en adviezen van de commissies van Onderwijsgeschillen

Trefwoorden

niet-ontvankelijk, schorsing werknemer als ordemaatregel