Bezwaar tegen plaatsing in de functie Docent Lb; BVE
Samenvatting
In het kader van de invoering van een nieuw organisatiemodel is een nieuw functiebouwwerk vastgesteld waarin de werknemers geplaatst worden. Werknemer is geplaatst in de functie van Docent Lb. De werknemer bepleit plaatsing in de functie Docent Lc omdat hij coördinerende werkzaamheden heeft verricht en BPV-matching en omdat hij lid van de toetscommissie is geweest. De coördinatie van een opleiding zou hebben plaats gehad rond het jaar 2001 en één jaar hebben geduurd. De werkgever kan hierover redelijkerwijs het standpunt innemen dat de werknemer reeds eerder de werkgever er van op de hoogte had dienen te stellen, dat hij van oordeel was dat zijn functie om deze reden hoger gewaardeerd zou dienen te worden. In de huidige plaatsingsprocedure die in het kader van de invoering van een nieuw organisatiemodel plaatsvindt, kan de werknemer deze werkzaamheden niet meer opvoeren, met name ook omdat hij per augustus 2006 als docent andere werkzaamheden is gaan uitvoeren. De BPV-matching houdt stagebegeleiding in. Deze werkzaamheden alsmede het lidmaatschap van de toetscommissie behoren tot de reguliere werkzaamheden van de docent. De werknemer heeft onvoldoende aannemelijk gemaakt dat collega's in een Lc functie exact dezelfde werkzaamheden als hij verrichten. Bezwaar ongegrond.
Trefwoorden
functiewaardering
Organisatie
Zaakbehandeling
Contact
Inschrijven nieuwsbrief
Blijf op de hoogte van de laatste uitspraken en adviezen van de commissies van Onderwijsgeschillen
Trefwoorden
functiewaardering