De OMR heeft niet in redelijkheid instemming kunnen onthouden aan de vaststelling van de onderwijstijd; vanwege het gemeenschappelijk belang van de scholen heeft de GMR adviesrecht over de regeling van de vakantie.

Publicatiedatum:

Commissie: Landelijke Commissie voor Geschillen WMS

Sector: Speciaal onderwijs/voortgezet speciaal onderwijs

Zaaknummer: 106715-15.08

Download uitspraak (198,1 KB)

Open met leeshulp

Samenvatting

Situatie
De OMR onthoudt instemming aan een voorstel tot vaststelling van de onderwijstijd omdat een aantal 'losse' onderwijsvrije dagen (margedagen) niet aan de meivakantie aansluit. Het bevoegd gezag legt daarover een instemmingsgeschil aan de Commissie voor. Ook legt het bevoegd gezag interpretatiegeschillen voor met betrekking tot het begrip onderwijstijd, de medezeggenschapsbevoegdheid inzake vaststelling van de vakantieregeling en de redelijke kosten van de inzet van derden door de MR.

Uitspraak Commissie
Een besluit over de inzet van margedagen is een besluit met betrekking tot onderwijstijd waarvoor de OMR instemmingsrecht heeft. Dat instemmingsrecht is beperkt tot het beleid met betrekking tot de inzet van deze dagen. De OMR heeft niet in redelijkheid instemming kunnen onthouden aan het voorgenomen besluit van het bevoegd gezag. De vakantieregeling is in dit geval van gemeenschappelijk belang voor alle scholen zodat het adviesrecht toekomt aan de GMR. Het geschil over de redelijke kosten is niet ontvankelijk omdat er geen concreet geschil over is.

Toelichting
Het begrip 'vaststelling van de onderwijstijd' omvat zowel het vaststellen van de hoeveelheid tijd die aan onderwijs wordt besteed als de verdeling van die tijd over het jaar, de dag en de week. De inzet van margedagen gaat over de verdeling van tijd over het jaar en betreft dus de onderwijstijd.
Het bevoegd gezag heeft onderwijskundige argumenten om geen twee weken meivakantie vast te stellen. De OMR heeft daar alleen het belang van een verlengde meivakantie tegenover gesteld. Bovendien is regeling van de vakantie een onderwerp waarop de MR adviesrecht heeft.
Omdat het personeel op verschillende scholen wordt ingezet, is regeling van de vakantie van gemeenschappelijk belang voor alle scholen. Daarom heeft de GMR adviesrecht, niet de MR.
Omdat er geen concreet probleem is over de betaling van de kosten voor rechtsbijstand aan de OMR, is het geschil daarover niet-ontvankelijk. Dit sluit aan op de beschikking van de Ondernemingskamer d.d. 13 juli 2015 ten aanzien van de ontvankelijkheid van een interpretatiegeschil. (ECLI:NL:GHAMS:2015:2899, zaaknummer 200.166.448/01 OK).

Trefwoorden

instemmingsgeschil, interpretatiegeschil, niet-ontvankelijk

Bezoekadres

Gebouw Woudstede
Zwarte Woud 2
3524 SJ Utrecht
Route

Volg ons
Contact
Inschrijven nieuwsbrief

Blijf op de hoogte van de laatste uitspraken en adviezen van de commissies van Onderwijsgeschillen

Trefwoorden

instemmingsgeschil, interpretatiegeschil, niet-ontvankelijk