Geschil met betrekking tot het toekennen van de bindingstoelage (artikel I-12b CAO-BVE); BVE.
Samenvatting
De werknemer stelt niet zozeer de toepassing van artikel I-12b CAO-BVE ter discussie alswel legt hij de vraag voor of de werkgever in redelijkheid tot toepassing van genoemd artikel had kunnen overgaan, zonder een uitzondering voor hem te maken. Voorop staat dat, omdat de werknemer benoemd is in een functie met schaal LB, artikel I-12b CAO-BVE op hem van toepassing is. Door op dit moment geen bindingstoelage aan de werknemer te verstrekken heeft de werkgever genoemd artikel niet onjuist toegepast omdat een bindingstoelage in het geval van een werknemer die in een LB-functie is benoemd pas vijf jaar ná 2009 aan de orde kan zijn. Voor een toepassing van het beginsel der redelijkheid en billijkheid in dit geval acht de Commissie geen aanleiding aanwezig omdat tekst noch strekking van het artikel in de CAO-BVE de Commissie hiervoor ruimte laat. De werkgever heeft artikel I-12b lid 1 CAO-BVE ten opzichte van de werknemer niet onjuist toegepast.
Organisatie
Zaakbehandeling
Contact
Inschrijven nieuwsbrief
Blijf op de hoogte van de laatste uitspraken en adviezen van de commissies van Onderwijsgeschillen