Geschil MR m.b.t. voordrachtsrecht benoemingsadviescommissie HBO

Publicatiedatum:

Zaaknummer: 102950

Download uitspraak (131,0 KB)

Open met leeshulp

Samenvatting

Tussen de CMR en het instellingsbestuur is een discussie ontstaan over de vraag of aan de CMR dan wel aan de deelraden het recht toekomt om kandidaten voor te dragen voor de benoeming in de sollicitatiecommissie, voor zover het de sollicitatieprocedure voor managers betreft. De CMR heeft dit verschil van mening aan de Commissie voorgelegd. De CMR baseert zijn aanspraak op het voordrachtsrecht op een beweerde afspraak die in het verleden zou zijn gemaakt met betrekking tot de handhaving van de instemmingsrechten na de fusie. De Commissie heeft het geschil schriftelijk behandeld en oordeelt zich onbevoegd om van het verzoek van de CMR kennis te nemen omdat er geen sprake is van een interpretatiegeschil waarvoor de Commissie bevoegd zou zijn. Het beweerde voordrachtsrecht is niet gebaseerd op het bepaalde in titel 3 van Hoofdstuk 10 WHW, noch op een regeling die krachtens de WHW is vastgesteld, noch op het bepaalde in het medezeggenschapsreglement, zodat er geen sprake is van een interpretatiegeschil als bedoeld in art. 10.27 lid 1 onder d WHW, waarvoor de Commissie bevoegd is. Commissie niet bevoegd.

Bezoekadres

Gebouw Woudstede
Zwarte Woud 2
3524 SJ Utrecht
Route

Volg ons
Contact
Inschrijven nieuwsbrief

Blijf op de hoogte van de laatste uitspraken en adviezen van de commissies van Onderwijsgeschillen