Interpretatiegeschil Vaststelling aanvang schooljaar (vaststelling vakantie/regeling van de werkzaamheden); MBO
Samenvatting
Vraag is of de beslissing van het bevoegd gezag om de laatste twee dagen van de zomervakantie 2010 van de deelnemers aan te merken als werkdagen voor het personeel neerkomt op een besluit waarvoor instemmings- of adviesrecht van de medezeggenschap geldt. De CMR stelt dat het bij het ROC sinds jaar en dag gebruik is dat de zomervakantie voor het onderwijzend personeel gelijk loopt met de vakantie voor de deelnemers. Het bevoegd gezag heeft dienaangaande steeds om instemming van de CMR verzocht. Volgens het bevoegd gezag gelden de meerjarenafspraken uitsluitend voor de vakantie van de deelnemers. De Commissie is van oordeel dat de aangelegenheid 'regeling van de vakantie' uitsluitend de deelnemers betreft. Niet is gebleken dat het bevoegd gezag in enig jaar expliciet de verlofregeling voor het personeel ter instemming of voor advies heeft voorgelegd. Evenmin is gebleken dat het onderwijzend personeel op basis van een regeling verplicht is de (gehele) deelnemersvakantie als verlof op te nemen. Het aanmerken van dagen van de zomervakantie van de deelnemers als werkdagen waarop het personeel in beginsel aanwezig dient te zijn, is een beperking van de vrijheid van de teams om de werkzaamheden onderling te verdelen en derhalve aan te merken als een aangelegenheid met betrekking tot de vaststelling van de taakverdeling respectievelijk de taakbelasting van het personeel. Ten aanzien daarvan heeft de personeelsgeleding van de CMR instemmingsrecht.
Trefwoorden
interpretatiegeschil
Organisatie
Zaakbehandeling
Contact
Inschrijven nieuwsbrief
Blijf op de hoogte van de laatste uitspraken en adviezen van de commissies van Onderwijsgeschillen
Trefwoorden
interpretatiegeschil