Interpretatiegeschil VO - artikel 24 lid 1 onder g WMS (termijn voor instemming) en reglementsbepaling
Samenvatting
In het medezeggenschapsreglement is opgenomen dat als de GMR niet binnen de afgesproken reactietermijn uitsluitsel heeft gegeven of hij al dan niet instemt met het voorgenomen besluit, het voornemen kan worden omgezet in een definitief besluit. Ondanks dat het GMR-reglement ten tijde van het instemmingsverzoek niet gold, doet de Commissie ambsthalve uitspraak over de interpretatie omdat het GMR-reglement een werkingsduur heeft tot 1 augustus 2010. De WMS geeft niet aan of instemming mondeling of schriftelijk gegeven moet worden. Ook heeft de WMS niet geregeld of de instemming expliciet gegeven moet worden dan wel ook impliciet gegeven kan worden. De WMS geeft in dit verband aan dat in het reglement in ieder geval wordt geregeld binnen welke termijnen tot instemming of tot onthouding van instemming dient te worden besloten (artikel 24 lid 1 aanhef en onder g). Uit het dwingend karakter van de wet, voortvloeiend uit artikel 2 WMS, en de formuleringen in de WMS dat het bevoegd gezag de voorafgaande instemming behoeft, alsmede dat in het reglement de termijnen worden geregeld binnen welke tot instemming of tot onthouding dient te worden besloten, leidt de Commissie af dat het uitblijven van een reactie van (een geleding van) de (G)MR binnen een in het reglement bepaalde termijn niet aangemerkt kan worden als een besluit tot instemming, ook niet als dat als zodanig in een (G)MR-reglement is opgenomen. Binnen het systeem van de wet past het naar het oordeel van de Commissie wel dat als (een geleding van) de (G)MR is gevraagd binnen een bepaalde termijn met een voorgenomen besluit in te stemmen en dit niet binnen die termijn doet, te veronderstellen dat er dan geen instemming is verleend. Op dat moment kan het bevoegd gezag een instemmingsgeschil voorleggen aan de Commissie, mits over het voornemen overleg heeft plaatsgevonden. Immers, op grond van artikel 31 aanhef en onder a WMS is de Commissie op verzoek van het bevoegd gezag bevoegd van een zogenoemd instemmingsgeschil kennis te nemen. Aldus kan het bevoegd gezag voorkomen dat het nemen van besluiten door het uitblijven van een reactie op het instemmingsverzoek, onevenredig lang wordt opgehouden.
Beroep bij Ondernemingskamer
De Ondernemingskamer (OK) bij het Gerechtshof Amsterdam heeft op 10 maart 2010 het beroep dat was ingesteld tegen deze uitspraak verworpen. De uitspraak van de Commissie is bevestigd. Lees meer...
Trefwoorden
interpretatiegeschil