Interpretatiegeschil VO - artikel 4 lid 3, artikel 21 lid 2 en artikel 2 jo 11 onder h WMS
Samenvatting
Vast staat dat de MR en het bevoegd gezag van mening verschillen over enkele bepalingen in het medezeggenschapsreglement. Evenzeer staat echter vast dat het bevoegd gezag het medezeggenschapsreglement niet ter instemming aan de MR heeft voorgelegd. Van een reglementsgeschil is eerst sprake indien het bevoegd gezag niet de vereiste instemming van de MR heeft verkregen nadat het voorstel ter instemming aan de MR is voorgelegd. Nu dit niet heeft plaatsgevonden, en er dus ook geen overleg in de zin van de WMS over het voorstel is gevoerd, is het geschil op dit onderdeel niet-ontvankelijk.
De medezeggenschap is als volgt vormgegeven: iedere school heeft een MR. Daarboven bevinden zich drie platforms, één voor elke geleding. Uit en door de leden van de platforms worden de leden van de GMR gekozen. Aldus wordt het actief kiesrecht van de MR-leden vervangen door dit van hun vertegenwoordiger in het platform. Gelet op het uit artikel 2 WMS voortvloeiende dwingende karakter van de bepalingen van de WMS, oordeelt de Commissie deze beperking van het actief kiesrecht van de MR-leden in strijd met artikel 4 lid 3 WMS.
Ten aanzien van de medezeggenschapsdocumenten bepaalt artikel 21 lid 2 WMS dat het bevoegd gezag het medezeggenschapsstatuut als voorstel aan de GMR of bij het ontbreken daarvan aan de MR ter instemming voorlegt. Het bevoegd gezag heeft voor zijn scholen een GMR ingesteld. In dat geval komt aan de afzonderlijke MR'en geen bevoegdheid meer toe ten aanzien van het medezeggenschapsstatuut.
Artikel 11 onder h WMS bepaalt dat aan de MR adviesbevoegdheid toekomt met betrekking tot aanstelling en ontslag van de schoolleiding. In het MR-reglement is bepaald dat de MR over adviesbevoegdheid beschikt met betrekking tot benoeming en ontslag van de schoolleiding, met uitzondering van de eindverantwoordelijke schoolleider. Voor het voortgezet onderwijs wordt onder schoolleiding verstaan: de rector, de directeur of de leden van de centrale directie, bedoeld in de WVO, alsmede de conrectoren en de adjunct-directeuren (art. 1 WMS). De Commissie vermag niet in te zien dat de eindverantwoordelijke schoolleider buiten het begrip "schoolleiding" als genoemd in artikel 11 onder h WMS zou vallen. Dientengevolge komt de MR terzake het bijzondere adviesrecht als bedoeld in de WMS toe.
Beroep bij Ondernemingskamer
De Ondernemingskamer (OK) bij het Gerechtshof Amsterdam heeft op 12 juli 2010 uitspraak gedaan in het beroep dat door het bevoegd gezag was ingesteld tegen deze uitspraak. De uitspraak van de Commissie is bevestigd. Lees meer...
Trefwoorden
interpretatiegeschil
Organisatie
Zaakbehandeling
Contact
Inschrijven nieuwsbrief
Blijf op de hoogte van de laatste uitspraken en adviezen van de commissies van Onderwijsgeschillen
Trefwoorden
interpretatiegeschil