Klacht over (gedwongen) plaatsing op school voor voortgezet speciaal onderwijs; VO
Samenvatting
Klagers klagen erover dat hun zoon niet meer welkom is op enige locatie van de school en men hen gedwongen heeft akkoord te gaan met plaatsing van hun zoon op een school voor voortgezet speciaal onderwijs. Klagers achten deze school ongeschikt. Klagers zoon heeft ADHD en daarvoor slikte hij tot aan de zomervakantie 2009 medicijnen. Hij had vanuit de basisschool al een cluster4-beschikking en kreeg ambulante begeleiding vanuit het samenwerkingsverband. Vaststaat dat klagers zoon vanaf november 2009 dusdanig gedrag vertoonde dat hij niet meer klassikaal kon functioneren en dat zijn gedrag om individuele begeleiding vroeg. Klaagster heeft zowel met de adviesaanvraag bij de PCL als met de rec4-plaatsing ingestemd. Dat dit heeft geresulteerd in een plaatsing op een school voor voortgezet speciaal onderwijs, acht de Commissie niet klachtwaardig, dus ongegrond. De Commissie constateert dat de door de school gehanteerde procedure ten aanzien van een PCL-aanvraag niet eenduidig is. Vanuit het oogpunt van zorgvuldigheid moet de door de school te volgen procedure en de daardoor mogelijke gevolgen voor de leerling met de ouders worden besproken en waar mogelijk schriftelijk worden vastgelegd. Naar het oordeel van de Commissie wordt hierin van de school een actieve rol verlangd en geeft de Commissie de school op dit punt een aanbeveling. Klacht ongegrond.
Trefwoorden
onderwijskundige begeleiding, schoolorganisatie
Organisatie
Zaakbehandeling
Contact
Inschrijven nieuwsbrief
Blijf op de hoogte van de laatste uitspraken en adviezen van de commissies van Onderwijsgeschillen
Trefwoorden
onderwijskundige begeleiding, schoolorganisatie