Schorsing als ordemaatregel van meer dan vier weken is niet noodzakelijk en te lang.
Samenvatting
Commissie: Commissie van Beroep VO
Situatie
De werknemer bevond zich als systeembeheerder in een computerlokaal en wilde een leerlinge onder tafel vandaan laten komen. Toen hij door twee medeleerlingen ervan werd beschuldigd dat hij de leerlinge daarbij aan haar haren zou hebben getrokken, sloegen de stoppen bij hem door en reageerde hij erg emotioneel. De werkgever heeft de werknemer hierop geschorst.
Daarbij heeft hij de schorsing gesplitst in delen voor en na de kerstvakantie waardoor de werknemer in totaal 6 weken afwezig was. Uitspraak Commissie
Het beroep is gegrond. De werkgever heeft de noodzaak van een schorsingsduur van vier weken niet aannemelijk gemaakt en heeft de feitelijke schorsing te lang laten voortduren. Toelichting
Gezien de ontstane commotie was er voldoende reden voor een time-out en daarmee voor een schorsing. Niet gebleken is van zodanige commotie dat een schorsing van (meer dan) vier weken nodig was.
Voor zover de schorsing diende voor nader onderzoek door de werkgever geldt dat een te houden onderzoek voortvarend ter hand dient te worden genomen. De werkgever onderbouwt niet wat er al is onderzocht en er lijkt tevens geen nader onderzoek te zijn gedaan naar de afgelegde getuigenverklaring noch naar de stelling van de werknemer over zijn medische toestand.
Trefwoorden
schorsing werknemer als ordemaatregel
Organisatie
Zaakbehandeling
Contact
Inschrijven nieuwsbrief
Blijf op de hoogte van de laatste uitspraken en adviezen van de commissies van Onderwijsgeschillen
Trefwoorden
schorsing werknemer als ordemaatregel