Samenvatting

Situatie

De werknemer heeft op 22 juli 2022 een brief ontvangen van de werkgever, waarin staat dat zij niet kan terugkeren naar de school. Vanaf september 2022 tot en met maart 2023 heeft de werknemer hierover verschillende gesprekken gehad en correspondentie gevoerd met de werkgever. De werknemer ontvangt 20 juli 2023 een brief van de werkgever en stelt dat zij pas daaruit kan opmaken dat de werkgever in 2022 besloten had om haar over te plaatsen. De werknemer is het daar niet mee eens en stelt op 27 juli 2023 beroep in. De Voorzitter van de Commissie verklaart het beroep op 1 november 2023 kennelijk niet-ontvankelijk vanwege niet verschoonbare overschrijding van de beroepstermijn. Daartegen gaat de werknemer in verzet bij de Commissie.

Uitspraak van de Commissie

Het verzet is ongegrond.

Toelichting

Veel eerder dan 27 juli 2023 had voor de werknemer duidelijk kunnen zijn dat zij niet kon terugkeren naar de school. De werknemer werd bijgestaan door haar gemachtigde. In oktober en november 2022 heeft schriftelijke correspondentie plaatsgevonden tussen de gemachtigde van de werknemer en de gemachtigde van de werkgever, waaruit blijkt dat er voldoende bekendheid was of had kunnen zijn met een overplaatsing. Door het beroepschrift pas 27 juli 2023 in te dienen, is het beroep niet zo spoedig mogelijk als redelijkerwijs verlangd kan worden ingediend.

Trefwoorden

verzet

Bezoekadres

Gebouw Woudstede
Zwarte Woud 2
3524 SJ Utrecht
Route

Volg ons
Contact
Inschrijven nieuwsbrief

Blijf op de hoogte van de laatste uitspraken en adviezen van de commissies van Onderwijsgeschillen

Trefwoorden

verzet