Verzoek schorsing ontslag in voorlopige voorziening BVE

Publicatiedatum:

Commissie: Voormalige Commissie van Beroep PO, VO, BVE en HBO (tot 1 jan. 2017)

Zaaknummer: 102547

Download uitspraak (111,7 KB)

Open met leeshulp

Samenvatting

Werkneemster stelt dat vóór de ingangsdatum van het reorganisatieontslag vacatureruimte beschikbaar komt door de tijdelijke afwezigheid van een collega wiens taken zij kan overnemen. De Voorzitter overweegt dat de werkgever voldoende duidelijk heeft gemaakt dat de werkzaamheden die opgevangen dienen te worden van een zodanige geringe omvang zijn dat zij kunnen worden opgevangen door collega's die op dat moment nog verbonden zijn aan de instelling. De Voorzitter is voorts niet gebleken dat nu, of binnen afzienbare termijn, nieuwe personen worden benoemd die genoemde werkzaamheden zouden gaan overnemen. Aldus komen geen passende werkzaamheden beschikbaar, zodat op deze grond schorsing van het ontslag niet kan plaatsvinden. Over de toegepaste afvloeiingsregeling stelt de Voorzitter voorop dat deze regeling is afgesproken tussen de betrokken vakorganisaties en de werkgever en voorshands moet worden aangenomen dat het een evenwichtige regeling betreft. Aanwijzingen die duidelijk in een andere richting wijzen, en die aanstonds tot een ingrijpen binnen het kader van een voorlopige voorziening kunnen leiden, heeft de Voorzitter niet aangetroffen. De behandeling van de vraag of werkneemster in de juiste afvloeiingsvolgorde is ingedeeld, acht de Voorzitter voorshands te ingewikkeld om een voorlopige voorziening te rechtvaardigen.
De gevraagde voorziening wordt afgewezen.

Trefwoorden

voorlopige voorziening

Bezoekadres

Gebouw Woudstede
Zwarte Woud 2
3524 SJ Utrecht
Route

Volg ons
Contact
Inschrijven nieuwsbrief

Blijf op de hoogte van de laatste uitspraken en adviezen van de commissies van Onderwijsgeschillen

Trefwoorden

voorlopige voorziening