Verzoek voorlopige voorziening; HBO

Publicatiedatum:

Commissie: Voormalige Commissie van Beroep PO, VO, BVE en HBO (tot 1 jan. 2017)

Zaaknummer: 104943

Download uitspraak (154,2 KB)

Open met leeshulp

Samenvatting

De werknemer is conciërge en is op staande voet ontslagen wegens verdenking van het wegnemen van een geldbedrag. Tegen het ontslag is beroep bij de Commissie ingesteld. De werknemer vraagt de Voorzitter bij wijze van voorlopige voorziening om doorbetaling van salaris. Uit de door de werkgever overgelegde camerabeelden is niet op te maken dat de werknemer geld uit een portemonnee heeft gehaald. De verklaringen die door de collega's over de werknemer zijn afgelegd geven niet een eenduidig beeld over de gang van zaken. Voorts is door de werkgever geen inzage gegeven in het kasboek zodat niet is aangetoond dat geld is verdwenen. Het geheel overziend is de Voorzitter van oordeel dat hetgeen de werkgever als feitencomplex aan het ontslag ten grondslag heeft gelegd thans niet is komen vast te staan. De werknemer heeft de feiten voldoende gemotiveerd betwist. De Voorzitter wijst de gevraagde voorziening (doorbetaling salaris) toe.

Trefwoorden

ontslag wegens dringende reden, voorlopige voorziening

Bezoekadres

Gebouw Woudstede
Zwarte Woud 2
3524 SJ Utrecht
Route

Volg ons
Contact
Inschrijven nieuwsbrief

Blijf op de hoogte van de laatste uitspraken en adviezen van de commissies van Onderwijsgeschillen

Trefwoorden

ontslag wegens dringende reden, voorlopige voorziening