Verzoek voorlopige voorziening HBO
Samenvatting
De werkgever heeft de werkneemster meegedeeld dat haar tijdelijk dienstverband van rechtswege eindigt. De werkneemster stelt dat zij in vaste dienst is en vraagt schorsing van de opzegging. Zij stelt dat artikel D-5 lid 1 a niet van toepassing is omdat zij niet met lesgevende taken is belast en zij niet gezien kan worden als uitvoerend beroepsbeoefenaar. De werkgever vraagt de werkneemster de toegang tot de schoolgebouwen te ontzeggen en haar te verbieden zich negatief uit te laten over de instelling naar derden. De werkneemster is benoemd als hogeschooldocent, maar functioneert als studieleidster en geeft slechts incidenteel les. Zij behoort volgens de Voorzitter dan ook niet tot het onderwijzend personeel met lesgevende taken. Het tijdelijk dienstverband kan derhalve niet gegrond zijn op artikel D-5 lid 1 onder a CAO-HBO en omdat er ook geen andere grond voorhanden is op basis waarvan de werkneemster conform de CAO op tijdelijke basis werkzaam kon zijn, dient er van uitgegaan te worden dat de werkneemster in vaste dienst is. Er lijkt geen geldige ontslaggrond aanwezig en de Voorzitter wijst de gevraagde voorziening dan ook toe. Werkgever kan werkneemster zelf de toegang tot de schoolgebouwen verbieden op grond van artikel P-1 CAO-HBO zelf, terwijl niet gebleken is dat sprake is van de beweerde negatieve beeldvorming over het voortbestaan van de opleiding en zo dit al het geval zou zijn, wat de rol van de werkneemster daarin is. De door de werkgever gevraagde voorzieningen worden afgewezen. Verzoek schorsing opzegging toegewezen.
Trefwoorden
voorlopige voorziening
Organisatie
Zaakbehandeling
Contact
Inschrijven nieuwsbrief
Blijf op de hoogte van de laatste uitspraken en adviezen van de commissies van Onderwijsgeschillen
Trefwoorden
voorlopige voorziening