De Commissie Naleving lidmaatschapseisen VO-raad
Reglement Commissie Naleving Lidmaatschapseisen VO-raad
Taak: Toetsen naleven lidmaatschapseisen na melding
In dit reglement wordt verstaan onder
- Het bevoegd gezag dat een of meer scholen voortgezet onderwijs is stand houdt als bedoeld in de Wet Voortgezet Onderwijs 2020, en dat lid is van de VO-raad.
- Code: De Governancecode Funderend Onderwijs, vastgesteld door de VO-raad op 5 juni 2025, geldend vanaf 25 juni 2025;
- Commissie: De Commissie Naleving lidmaatschapseisen VO-raad;
- Lid: Het bevoegd gezag dat een of meer scholen voor voortgezet onderwijs in stand houdt en lid is van de vereniging (artikel 6, statuten VO-raad);
- Lidmaatschapseisen: De vereisten uit de Code die statutaire lidmaatschaps- verplichtingen van de vereniging zijn;
- Melder: Het bevoegd gezag of de Commissie Code Goed Onderwijsbestuur dat/die bij de Commissie een melding indient over het niet naleven door een ander bevoegd gezag van één of meerdere lidmaatschapseisen;
- Toetsingskader: Het door de VO-raad opgestelde kader aan de hand waarvan de Commissie de naleving van de lidmaatschapseisen toetst;
- Vereniging: De vereniging met volledige rechtsbevoegdheid te weten de VO-raad;
- Verweerder: Het bevoegd gezag waarover een melding is ingediend.
- Leden van de vereniging en de Commissie Code Goed Onderwijsbestuur kunnen een melding maken, indien zij van mening zijn dat de lidmaatschapseisen uit de Code niet worden nageleefd.
- De Commissie stelt vast of een melder bevoegd is tot het doen van een melding alsmede over wie en/of welke bevoegd gezag de melding(en) gaat/gaan.
- Meldingen kunnen worden ingediend tot 1 jaar nadat het feit waartegen de melding is gericht, zich heeft voorgedaan.
De Commissie werkt volgens een interventieladder. Hieronder is de interventieladder verder uitgewerkt. De opeenvolgende stappen van de interventieladder zijn: onderzoek, waarschuwing, schorsing, verlengde schorsing en opzegging van het lidmaatschap.
- De Commissie heeft de bevoegdheid om een onderzoek uit te voeren gericht op het objectief vaststellen of het lid zich houdt aan de lidmaatschapseisen. De Commissie hanteert hiertoe het Toetsingskader. Na hoor en wederhoor komt de Commissie met een onafhankelijk oordeel. De Commissie informeert het bestuur en het intern toezicht van het betrokken lid over het houden van het onderzoek en over de resultaten van het onderzoek.
- De Commissie gaat met het lid in gesprek als uit onderzoek blijkt dat het lid zich niet houdt aan de lidmaatschapseisen en heeft daarbij de bevoegdheid om een waarschuwing te geven indien de Commissie dit noodzakelijk acht. Met een waarschuwing wordt het lid in de gelegenheid gesteld om binnen een redelijke termijn alsnog te voldoen aan lidmaatschapseisen.
- Na afloop van de termijn, zoals genoemd in artikel 3 lid 2, gaat de Commissie opnieuw in gesprek met het lid om na te gaan of en in hoeverre het lid zich houdt aan de lidmaatschapseisen. Indien het lid nog steeds niet voldoet aan de lidmaatschapseisen, adviseert de Commissie binnen een redelijke termijn het bestuur van de VO-raad het lid te schorsen voor een periode van maximaal zes werkweken waartoe het bestuur van de VO-raad kan besluiten. Tijdens de schorsing wordt het lid behandeld als niet lid, hetgeen betekent dat aan het lid gedurende de schorsingsperiode geen lidmaatschapsrechten toekomen. Het bestuur van de VO-raad neemt binnen een redelijke termijn hiertoe een besluit, hetgeen met redenen omkleed aan het lid kenbaar wordt gemaakt. Het bestuur van de VO-raad informeert het intern toezicht van het lid. De algemene ledenvergadering wordt geïnformeerd conform statuten door het bestuur van de VO-raad. Het lid heeft binnen één maand na de ontvangst van de kennisgeving de mogelijkheid in beroep te gaan bij de algemene ledenvergadering. Hangende het beroep blijft het betrokken lid geschorst.
- Na afloop van de schorsingstermijn, onderzoekt de Commissie binnen een redelijke termijn of het lid inmiddels voldoet aan de lidmaatschapseisen. Als dat niet het geval is, adviseert de Commissie binnen een redelijke termijn het bestuur van de VO-raad de schorsing nog eenmaal te verlengen met een periode van maximaal zes werkweken waartoe het bestuur van de VO-raad kan besluiten. Het bestuur van de VO-raad neemt binnen een redelijke termijn een besluit, hetgeen met redenen omkleed aan het lid kenbaar wordt gemaakt. Het bestuur van de VO-raad informeert het intern toezicht van het lid. De algemene ledenvergadering wordt geïnformeerd conform statuten door het bestuur van de VO-raad. Het lid heeft binnen één maand na de ontvangst van de kennisgeving de mogelijkheid in beroep te gaan bij de algemene ledenvergadering. Hangende het beroep blijft het betrokken lid geschorst.
- Na deze periode van verlengde schorsing doet de Commissie binnen een redelijke termijn een finaal onderzoek en informeert de Commissie het bestuur van de VO-raad over de resultaten daarvan. Het bestuur van de VO-raad heeft namens de Vereniging de bevoegdheid om het lidmaatschap van het lid te beëindigen wanneer uit dit onderzoek blijkt dat het lid niet aan de lidmaatschapseisen voldoet. Het bestuur van de VO-raad kan pas overgaan tot opzegging van het lidmaatschap nadat zij het lid de mogelijkheid heeft gegeven om binnen een redelijke termijn haar zienswijze kenbaar te maken. Het bestuur van de VO-raad informeert het intern toezicht van het lid. De algemene ledenvergadering wordt geïnformeerd conform statuten door het bestuur van de VO-raad. Het lid heeft binnen één maand na de ontvangst van de kennisgeving de mogelijkheid in beroep te gaan bij de algemene ledenvergadering. Hangende het beroep blijft het betrokken lid geschorst. In bijzondere omstandigheden kan de Commissie of het bestuur van de VO-raad besluiten de termijn te verlengen. Van deze verlenging wordt aan partijen schriftelijk mededeling gedaan.
- Melder en verweerder zijn verplicht de Commissie alle beschikbare informatie te leveren waar de Commissie om vraagt.
- Nadat de melder hier aan heeft voldaan, is de melder ontheven van de plicht om verder betrokken te zijn bij de procedure. Indien noodzakelijk, kan door de Commissie hiervan worden afgeweken.
- De Commissie is verplicht tot het horen van de verweerder.
- De Commissie is gerechtigd om bij andere partijen dan melder of verweerder informatie in te winnen. Het bevoegd gezag is verplicht deze informatie te leveren.
- De Commissie streeft ernaar om de behandeling van een melding binnen een redelijke termijn af te wikkelen.
- Van elke zaak wordt een schriftelijk dossier opgemaakt, hetgeen 1 jaar na afronding van de behandeling van een melding (uiterlijk stap 5 van de interventieladder) wordt bewaard, met daarin alle onderliggende stukken, het verslag van het horen van de verweerder en eventueel de melder en getuigen, de overwegingen, de motiveringen en de uitspraak.
- De Commissie verricht haar werkzaamheden conform hetgeen in dit reglement, de instellingsregeling en het Toetsingskader is opgenomen.
- Een melding dient te worden ingediend bij het secretariaat van de Commissie via de webportal van Zaaksysteem, te vinden op www.onderwijsgeschillen.nl. Op de wijze van indienen is van toepassing het ‘Reglement Zaakbehandeling Onderwijsgeschillen.’ De melding bevat:
- naam en adres van de melder
- tegen welke personen en/of welke bevoegd gezag(en) de melding zich richt;
- een aanduiding van de aangelegenheid
- welke lidmaatschapseis in het geding is.
Het secretariaat stuurt de melder(s) per omgaande een ontvangstbevestiging. - Mondelinge, telefonische en/of anonieme meldingen worden niet in behandeling genomen.
- Indien melder, verweerder, een getuige of een deskundige, de Nederlandse taal onvoldoende beheerst, kan deze zich op eigen kosten doen bijstaan door een beëdigd tolk. In voorkomende gevallen kan de Commissie bepalen dat deze kosten voor haar rekening komen.
- De Commissie vormt zich een oordeel over de ontvankelijkheid en gegrondheid van een bij haar ingediende melding en brengt, na het aflopen van de onderzoeksfase, daarover een niet-bindend advies uit aan het bestuur van de VO-raad en de verweerder.
- De Commissie kan aan de melder verzoeken de melding nader te onderbouwen/motiveren hetgeen binnen een redelijke termijn na ontvangst van de melding(en) moet zijn afgerond. In bijzondere omstandigheden kan de Commissie deze termijn verlengen.
- De Commissie stelt de verweerder(s) spoedig schriftelijk in kennis van de ingediende melding(en). Tegelijkertijd stelt de Commissie de VO-raad op de hoogte van de melding en tegen wie en/of welke bevoegd gezag(en) de melding is ingediend.
- De verweerder kan zich in alle gevallen laten bijstaan.
- Eventuele adviezen tot schorsing van de Commissie aan de VO-raad kunnen jaarlijks geanonimiseerd openbaar gemaakt worden via de website van de VO-raad.
- Adviezen worden geanonimiseerd op de website van Stichting Onderwijsgeschillen geplaatst.
In gevallen waarin dit reglement niet voorziet, beslist de Commissie.
Indien de Commissie in de procedure aanleiding ziet te veronderstellen dat er in strijd met geldende wetgeving is gehandeld, meldt de Commissie dit aan de voorzitter van het bestuur van de VO-raad.
- Dit reglement heeft de goedkeuring van het bestuur van de VO-raad.
- Dit reglement treedt in werking op 11 april 2018. De regeling is gewijzigd per 19 mei 2021 en 11 maart 2026.
- Dit reglement kan worden gewijzigd door de Commissie met goedkeuring van het bestuur van de VO-raad.
- Een wijziging van dit reglement wordt onverwijld bekend gemaakt.
- Dit reglement kan worden aangehaald als: Reglement Commissie Naleving lidmaatschapseisen VO-raad, Taak: Toetsen naleving lidmaatschapseisen.